nl
Code
Type Storing
6005
C/D
Vibration Input 1 -
Warning
6006
C/D
Vibration Input 2 -
Warning
8001
D
Auto Setup Failed
8002
D
Auto Setup Timed Out
10004
I
Pump Kick is Running
10005
I
Cleaning-Cycle is Run-
ning
10006
I
Teach was Successful
10007
I
Update Succeeded
10008
I
Update Failed
9
Bijlage
9.1
Veldbus: Parameteroverzicht
74
Oorzaak
De trillingsgrenswaarde is over-
schreden.
De trillingsgrenswaarde is over-
schreden.
De autoparametrering kon niet wor-
den voltooid.
De tijdslimiet van 2 minuten is over-
schreden.
De pomp heeft de toegestane stil-
standstijd overschreden.
Reinigingscyclus loopt:
- Vóór elke pompwerking
- Verstopping gedetecteerd
Inleerprocedure voor verstoppings-
detectie afgesloten.
Update voltooid.
De update kon niet worden vol-
tooid.
Hieronder worden de enkele veldbusparameters voor de veldbustypes Modbus TCP en OPC
UA vermeld.
LET OP! De parameters voor de LSI-hoofdpomp zijn voor elk veldbustype in een aparte
tabel vermeld!
LET OP! Voor de veldbus "ModBus TCP" is het reservepomp nummer: 255, port: 502!
Verklaringen bij de enkele parametergroepen in de installatiemodus DDI, LPI en LSI (Sla-
ve)
•
Parametergroep Status
Bevat informatie over de bedrijfsstatus, waarschuwingen en alarmen.
•
Parametergroep Motor Information
Bevat informatie over nominale motorwaarden, type motor en hydraulisch systeem,
pompserienummer en minimale en maximale frequentie.
•
Parametergroep Sensor Locations/Types
Bevat informatie over de sensortypes (temperatuur, stroom en vibratie) en hun opstel-
ling.
•
Parametergroep Data Readouts
Bevat de actuele sensorwaarden, bedrijfsuren, pompen- en reinigingscycli en het ener-
gieverbruik van de pomp.
•
Parametergroep Time
Bevat informatie over datum en tijd.
•
Parametergroep Control Word
Bevat de instellingen van het pompbedrijf, frequentie van de gewenste waarde, accele-
ratietijden, pompvrijgave en pompfuncties.
•
Parametergroep Sensor Trip/Warning
Bevat de instellingen van de drempelwaarde voor de temperatuur- en vibratiesensoren.
Verhelpen
Pomp en installatie controleren (bijv. onrustige
loop, slecht bedrijfspunt, strakke inbouw).
Trillingsgrenswaarden in de Digital Data Interface
controleren en evt. aanpassen.
Pomp en installatie controleren (bijv. onrustige
loop, slecht bedrijfspunt, strakke inbouw).
Trillingsgrenswaarden in de Digital Data Interface
controleren en evt. aanpassen.
Frequentieomvormer staat op „Stop".
Instellingen van de frequentieomvormer in de Digi-
tal Data Interface controleren en autoparametrering
nog een keer starten.
Frequentieomvormer staat op „Stop".
Instellingen van de frequentieomvormer in de Digi-
tal Data Interface controleren en autoparametrering
nog een keer starten.
Neem contact op met de servicedienst.
Inbouw- en bedieningsvoorschriften • Wilo DDI-I • Ed.03/2023-06