Introductie van de AW16G
2
Om pagina's te schakelen in een scherm,
kunt u of herhaaldelijk op dezelfde toets
drukken als in stap 1, of dezelfde toets als in
stap 1 ingedrukt houden en de CURSOR
[ ]/[ ]-toetsen gebruiken.
Als er meer pagina's zijn dan in
één scherm kunnen worden
weergegeven, zal een pijl (zoals
aangegeven) in het paginaweer-
gavegebied verschijnen. Deze pijl
betekent dat er nog één of meer
verborgen pagina's in die richting beschikbaar zijn.
Om toegang te krijgen tot een verborgen pagina,
houdt u dezelfde toets ingedrukt als in stap 1 en
drukt u op de [CURSOR]-toets die de richting aan-
geeft van de pijl.
In pagina's die een overzicht van parameters voor
meerdere kanalen tonen, kan het zijn dat het
scherm is verdeeld in een pagina voor de ingangs-
kanalen/padkanalen en een pagina voor de track-
kanalen, aangezien niet alle van de parameters
kunnen worden getoond in een enkel scherm.
Gebruik in dit geval de [INPUT SEL]-toetsen, pads
1–4, of [TRACK SEL]-toetsen om de kanalen te
selecteren die u wilt bekijken.
Een knop aan-/uitschakelen
Zo schakelt u een knop in het scherm aan/uit.
1
Gebruik de [CURSOR]-
toetsen om de cursor naar
de gewenste knop in het
scherm te verplaatsen.
2
Druk op de [ENTER]-toets.
De knop zal worden aan-/
uitgeschakeld.
Als u de cursor naar een knop
verplaatst die een bepaalde
functie uitvoert en vervolgens
op de [ENTER]-toets drukt, dan
zal die functie worden uitgevoerd.
Bewerken van een waarde in de
display
Zo bewerkt u de waarde van een fader, knop of para-
meter die in de display getoond wordt.
1
Gebruik de [CURSOR]-
toetsen om de cursor
naar de gewenste
fader-, knop- of para-
meterwaarde te ver-
plaatsen.
2
Draai aan de [DATA/
JOG]-dial om de waar-
de te bewerken.
24
Tekst invoeren
Als u een nieuwe song creëert of een scenegeheugen of
library-instelling opslaat, zal er een popupvenster ver-
schijnen, waardoor u een naam voor de song of instel-
ling kunt toewijzen.
2
1
5
6
7
Dit popupvenster bevat de volgende items en functies.
1 Tekstinvoerveld
Dit veld laat u karakters, cijfers en symbolen invoe-
ren. Als u de data voor de eerste keer opslaat, zal
het veld een standaardnaam bevatten.
U kunt een scene-/librarynaam of songnaam invoe-
ren van tot twaalf karakters.
B Tekstpalet
Dit toont de karakters, cijfers en symbolen die kun-
nen worden ingevoerd in het tekstinvoerveld
C CANCEL-knop
Als u de cursor naar deze knop verplaatst en op de
[ENTER]-toets drukt, keert u terug naar het voor-
gaande scherm zonder de naam te veranderen.
D OK-knop
Als u de cursor naar deze knop verplaatst en op de
[ENTER]-toets drukt, zal de scene/library worden op-
geslagen of de nieuwe song zal worden gecreëerd.
E
-knop
Als u de cursor naar deze knop verplaatst en op de
[ENTER]-toets drukt, zal het karakter dat momenteel
geselecteerd is in het tekstinvoerveld schakelen tus-
sen kleine letters en hoofdletters.
F INS-knop
Als u de cursor naar deze knop verplaatst en op de
[ENTER]-toets drukt, zal er een spatie worden tussen-
gevoegd op de plaats van het momenteel geselec-
teerde karakter (onderstreept) en daaropvolgende
karakters zullen één plaats naar achteren schuiven.
G DEL-knop
Als u de cursor naar deze knop verplaatst en op de
[ENTER]-toets drukt, zal het momenteel geselecteer-
de karakter (onderstreept) worden gewist en daarop-
volgende karakters zullen één plaats naar voren
schuiven.
Gebruik, om een nieuwe naam toe te wijzen, de
[CURSOR]-toetsen om de cursor in het tekstinvoer-
veld naar het karakter dat u wilt wijzigen te ver-
plaatsen, en draai aan de [DATA/JOG]-dial om een
karakter te selecteren.
Als u klaar bent met het invoeren van de naam, ver-
plaats de cursor dan naar de OK-knop en druk op
de [ENTER]-toets om de nieuwe naam toe te pas-
sen.
3
4