Kaarten en enveloppen
Gebruik geen enveloppen met een hele gladde afwerking, zelfklevende randen, sluitingen
of vensters. Gebruik ook geen kaarten en enveloppen met dikke, onregelmatige of
gekrulde randen of enveloppen die gekreukt, gescheurd of anderszins beschadigd zijn.
Gebruik platte, strak gevouwen enveloppen.
Plaats de enveloppen in de printer zoals wordt aangegeven door het pictogram op de lade.
Fotopapier
Gebruik de modus Beste voor het afdrukken van foto's. In deze modus neemt het
afdrukken meer tijd in beslag en is mogelijk meer computer- en printergeheugen vereist.
Verwijder elk vel dat uit de printer komt en leg het weg om te drogen. Wanneer nat
afdrukmateriaal zich opstapelt kunnen vlekken ontstaan.
Transparanten
Plaats transparanten met de ruwe kant naar beneden en de plakstrip wijzend naar de
achterzijde van de printer.
Gebruik de modus Beste om af te drukken op transparanten. De droogtijd in deze
modus is langer. Daarom wordt de volgende pagina pas in de uitvoerbak uitgevoerd
wanneer de inkt helemaal droog is. Wanneer nat afdrukmateriaal zich opstapelt kunnen
vlekken ontstaan.
Speciaal papierformaat
Gebruik alleen speciaal papierformaat dat wordt ondersteund door de printer.
Wanneer de toepassing speciaal papierformaat ondersteunt, stelt u het papierformaat
eerst in de toepassing in voordat u het document gaat afdrukken. Anders stelt u het
formaat in met behulp van het printerstuurprogramma. Mogelijk moet u de opmaak van
bestaande documenten aanpassen om deze correct te kunnen afdrukken op speciaal
papierformaat.
Informatie over de specificaties van ondersteund papier
In dit hoofdstuk wordt informatie gegeven over het formaat, de soort en het gewicht van
het papier dat door de printer wordt ondersteund. Er wordt ook informatie gegeven over de
capaciteit van de laden.
Opmerking
Lade 2 en de automatische duplexeenheid worden geleverd bij de printermodellen
HP Business Inkjet 2800dt en HP Business Inkjet 2800dtn.
18
3 - De printer gebruiken
NLWW