Software bijwerken via een Wi‑Fi
Bij software-updates moeten mogelijk grote bestanden op het toestel worden gedownload. Gebruikelijke
datalimieten of -kosten van uw internetprovider kunnen van toepassing zijn. Neem contact op met uw
internetprovider voor meer informatie over datalimieten of -kosten.
U kunt de software bijwerken door uw toestel te verbinden met een Wi‑Fi netwerk met internettoegang.
1 Verbind het toestel met een Wi‑Fi netwerk
Als het toestel is verbonden met een Wi‑Fi netwerk, wordt automatisch gecontroleerd of er updates
beschikbaar zijn. Er wordt een melding weergegeven als een update beschikbaar is.
2 Selecteer Apps > Systeemupdates.
Beschikbare software-updates worden weergegeven op het toestel. Als een update beschikbaar is, wordt
Update beschikbaar weergegeven.
3 Selecteer Download.
4 Volg de aanwijzingen op het toestelscherm om de update te voltooien.
5 Zorg dat het toestel gedurende het updateproces is aangesloten op een externe voedingsbron en binnen
bereik is van het Wi‑Fi netwerk.
De time-out voor het scherm instellen
1 Selecteer Instellingen > Scherm > Screen timeout.
2 Selecteer een tijdsduur.
De time-out-actie voor het scherm instellen
U kunt de actie instellen die het toestel uitvoert wanneer de time-out van het scherm wordt geactiveerd.
1 Selecteer Instellingen > Scherm > Keep screen on.
2 Selecteer een optie:
• Als u het scherm wilt uitschakelen, selecteert u Off.
• Als u de helderheid van het scherm wilt verlagen, selecteert u Dim.
• Als u het scherm ingeschakeld en helder wilt laten nadat de time-out is verstreken, selecteert u Bright.
Het scherm uitschakelen
1 Selecteer
om het scherm uit te schakelen.
2 Tik op het scherm om het in te schakelen.
De schermoriëntatie instellen
1 Selecteer Instellingen > Scherm > Oriëntatie.
2 Selecteer een schermoriëntatie.
De instellingen van het installatieprogramma openen
Voertuigintegratie-instellingen zijn bedoeld voor de eerste installatie van het voertuig en eventuele wijzigingen
kunnen de functionaliteit van het voertuig en het product nadelig beïnvloeden als ze onjuist zijn geconfigureerd.
Deze instellingen zijn uitsluitend bedoeld om te worden gewijzigd door een OEM en mogen niet worden
gewijzigd door een eindgebruiker. U aanvaardt de volledige verantwoordelijkheid en risico's voor wijzigingen
in instellingen die de functionaliteit van het voertuig kunnen aantasten.
1 Selecteer Apps > Instellingen > Voertuigintegratie.
2 Tik tien keer op IP-adres.
Er zijn verschillende opties ingeschakeld die alleen bedoeld zijn voor installatieprogramma's. De opties zijn
beschikbaar totdat u het Garmin SERV scherm opnieuw opstart
netwerk
®
LET OP
(Verbinding maken met een draadloos netwerk,
WAARSCHUWING
(Het toestel opnieuw opstarten,
pagina 8).
pagina 10).
9