2.
Controleer de bestaande O-ringen op de
hydraulische fittings; vervang de O-ringen indien
nodig.
3.
Monteer de fittings in de aansluitingen van de
hefcilinder.
4.
Draai de fittings aan met 25 tot 29 N∙m.
5.
Monteer de dikke en dunne afstandsstukken
aan de cilinder.
Opmerking:
Monteer het dikkere afstandsstuk
naar het midden van de machine toe.
Illustreert een cilinder die aan de linkerkant van
de machine is gemonteerd.
De cilinder aan de machine
monteren
1.
Plaats de hydraulische cilinder op de machine.
2.
Steek de draaipen door het machineframe en
de cilinder
(Figuur
1. Cilinder
2. O-ring
3. Hydraulische fitting
4. Slang
3.
Gebruik een inbusbout en ring om de draaipen
te bevestigen aan het frame
4.
Gebruik een gaffelpen en een borgpen om
de gaffel van de cilinder aan de hefarm te
bevestigen
(Figuur
Figuur 4
5).
Figuur 5
5. Draaipen
6. Ring
7. Inbusbout
(Figuur
5).
6).
1. Hefarm maai-eenheid
2. Borgpen
5.
Sluit de hydraulische slangen met nieuwe
O-ringen aan op de hydraulische fittings op de
cilinder
(Figuur
6.
Maak de slangfittings vast met een torsie van
25 tot 29 N·m.
De montage voltooien
1.
Monteer de afdekplaat en de bouten die u
eerder hebt verwijderd
2.
Zorg ervoor dat de hydraulische tank
een geschikte hoeveelheid hydraulische
vloeistof bevat; raadpleeg het hoofdstuk
Onderhoud van het hydraulische systeem in de
Gebruikershandleiding van uw machine.
3.
Start de machine en laat deze een aantal
minuten stationair lopen om de hydraulische
vloeistof te laten circuleren en het systeem te
ontluchten.
4.
Schakel de machine uit en controleer het peil
van de hydraulische vloeistof.
g389720
3
Figuur 6
3. Gaffel van cilinder
4. Gaffelpen
5).
(Figuur
1).
g229789