2
Zet de camera aan om
CameraWindow te openen.
z
z
Druk op de knop [
] om de camera
aan te zetten.
z
z
Mac OS: CameraWindow wordt
weergegeven als er een verbinding
tot stand is gebracht tussen de camera
en de computer.
z
z
Windows: volg de onderstaande stappen.
z
z
In het scherm dat wordt weergegeven,
klikt u op de koppeling om het programma
te wijzigen van [
].
z
z
Kies [Downloads Images From Canon
Camera/Beelden van Canon-camera
downloaden] en klik op [OK].
z
z
Dubbelklik op [
].
3
Sla de beelden op de
computer op.
z
z
Klik op [Import Images from Camera/
Beelden importeren van camera] en
vervolgens op [Import Untransferred
Images/Niet-verzonden afbeeldingen
importeren].
z
z
De beelden worden nu in afzonderlijke
mappen op datum op de computer
opgeslagen in de map Afbeeldingen.
z
z
Wanneer de beelden zijn opgeslagen,
sluit u CameraWindow en drukt u op de
knop [
] om de camera uit te schakelen.
Koppel vervolgens de kabel los.
z
z
Om beelden te bekijken die u op een
computer opslaat, gebruikt u vooraf
geïnstalleerde of algemeen verkrijgbare
software die compatibel is met de
beelden die door de camera worden
vastgelegd.
Vóór gebruik
Basishandleiding
Handleiding voor
gevorderden
Basishandelingen
van de camera
Auto-modus
Andere
opnamestanden
P-modus
Afspeelmodus
Menu Instellingen
Accessoires
Bijlage
Index
83