Weergave relatieve luchtdruk
knippert
De standaardwaarde van de relatieve luchtdruk is 1013.0 hPa. Gebruik
de '+' of '–' toetsen om de gewenste relatieve luchtdruk van uw locatie in
te stellen (waarden kunnen gewijzigd worden om rekening te houden
met uw plaatselijke omstandigheden). Zodra de waarde is ingesteld
eenmaal op de 'set' toets drukken om in de regelstand van de
meetinterval voor het weersverleden te komen. Voor meer
bijzonderheden , zie Het weerstation gebruiken, relatieve luchtdruk.
Regelstand meetinterval weerverleden
knippert
Het meetinterval van het weerverleden is standaard ingesteld op 1 uur.
Gebruik om het meetinterval van de weerdata te wijzigen (vakjes van de
tijd gaan knipperen) de '+' of '–' toetsen om te kiezen uit 5 min, 10 min,
30 min, 1 uur, 3 uren, 6 uren, 12 uren, 24 uren. Zodra het interval is
ingesteld nogmaals op de 'set' toets drukken om terug te keren naar de
normale stand. Zodra het tijdstip van het ingestelde interval is bereikt
registreert de ontvanger de data voor alle factoren van het
weersverleden op basis van dit meetinterval. Let op: hoewel het
meetinterval is ingesteld slaat de ontvanger de data op bepaalde
tijdstippen op in het geheugen. De volgende tabel vergelijkt de tijden
waarop data voor het weersverleden worden opgeslagen met de
tussenpozen waarmee deze worden geregistreerd:
Meetinterval
Registratie van data voor weerverloop
5 minuten
Elke 05, 10, 15, 20, 25, 30, 35, 40, 45,
50, 55, 60 minuten over het hele uur
10 minuten
Elke 10, 20, 30, 40, 50, 60 minuten voor
het hele uur
30 minuten
Elke 30 minuten over een heel uur
1 uur
Elk heel uur
3 uren
Elke 12:00am, 3:00am, 6:00am, 9:00am,
12:00pm, 3:00pm, 6:00pm, en 9:00pm
6 uren
Elke 12:00am, 6:00am, 12:00pm en
6:00pm
12 uren
Elke 12:00am en 12:00pm
24 uren
12:00pm
8. Plaatsen en bevestigen van de toestellen:
Ophanggaatje
Zowel de ontvanger als de sensor(s) kunnen op/tegen een vlakke
ondergrond geplaatst worden met de standaard of de houder
meegeleverd in de verpakking (de houder fungeert ook als
Tafelstandaard/
houder