7 | Machine instellen
Rijpadenschakeling configureren
Afhankelijk van de configuratie van de machine
kan het signaal voor de rijpadenteller van
verschillende bronnen komen:
Werkstand: wanneer de zaaimachine in de
werkstand wordt gebracht, telt de rijpadenteller
een rijpad verder.
ISOBUS: wanneer het tractorhefwerk in de
werkstand wordt gebracht, telt de rijpadenteller
een rijpad verder.
GPS: wanneer de machine in het volgende spoor
rijdt, telt de rijpadenteller een rijpad verder.
19. Onder "Bron voor verder schakelen" de bron voor
de rijpadenteller kiezen.
20. volgende pagina oproepen met
Om de voorkomen dat de rijpadenteller een rijpad
verder telt als het gekozen signaal van de bron kort
is, de signaalduur voor de bron aanpassen.
21. Onder "Tijd voor verder schakelen" de
signaalduur voor de bron instellen.
OPMERKING
De automatische zaaihoeveelheidsverhoging in
de nevenrijen heeft alleen invloed op rijen binnen
de actuele overtocht. Met naast een rijpad
liggende rijen in de volgende rit wordt geen
rekening gehouden.
Om de gewenste afgifte van het zaaigoed voor
22.
de rijen naast de rijpaden te verhogen:
Onder "Zaaihoeveelheidsverhoging in de
nevenrijen" de gewenste procentuele waarde
invoeren.
20
.
MG7486-NL-NL | K.1 | 26.11.2024 | © AMAZONE