De verdringerpomp afkoppelen
OPMERKING: Zie de afzonderlijk meegeleverde handleiding
307652 voor instructies betreffende reparaties aan de
verdringerpomp.
WAARSCHUWING
Om het risico van ernstig letsel te verminderen moet u
elke keer als u de instructie krijgt om de druk te ontlasten
de Drukontlastingsprocedure op blz. 8 volgen.
1.
Spoel de pomp indien mogelijk. Stop de pomp in de
onderste stand van de slag. Ontlast de druk.
2.
Ontkoppel alle slangen en verwijder de pomp van zijn
houder.
3.
Schroef de spanmoer (20) los van de cilinderstang (R).
Verwijder de koppelkragen (21). Zie afb. 4.
4.
Schroef de onderste borgmoer (13) en de borgring (12)
los van de montagebuis voor de retourleiding (10).
5.
Schroef de wartelkoppeling (S) van de montagebuis voor
de aanvoerleiding (11).
VOORZICHTIG
Als u de montagebuizen verwijdert, zet dan de sleutel dicht
bij de motorhouder op de buis om te voorkomen dat de
schroefdraad in de houder beschadigd raakt. Breng draad-
dichtmiddel aan op de mannelijke schroefdraad als u alles
weer installeert.
12
307674
Onderhoud
De verdringerpomp weer aansluiten
1.
Plaats de verdringerpomp op de montagebuizen (10, 11).
Draai de bovenste borgmoer (13) enkele slagen op de
montagebuis voor de retourleiding (10). Draai het wartel-
koppelstuk (S) stevig op de montagebuis voor de
aanvoerleiding (11). Zie afb. 4.
2.
Verbind de verbindingsstang (2) en de cilinderstang (R)
met de uiteinden aan elkaar; stel, indien nodig, de borg-
moeren (13) op de montagebuis voor de retourleiding
(10) bij om de stangen uit te lijnen.
3.
Plaats de koppelkragen (21) zodanig dat ze ingrijpen in
de verbindingsstang (2) en de cilinderstang (R). Laat de
spanmoer (20) over de koppelkragen zakken en schroef
hem stevig op de cilinderstang.
4.
Draai de borgmoeren (13) stevig vast.
5.
Installeer de pomp en sluit alle slangen aan.
6.
Zet de lucht naar de motor aan en laat de pomp
langzaam lopen. Stel de borgmoeren (13) op de
montagebuis voor de retourleiding (10) eventueel
zodanig bij tot de pomp soepel draait op minimale
luchtdruk naar de motor. Draai de borgmoeren
stevig vast.
7.
Verbind de aardingsdraad weer als die tijdens de reparatie
was losgemaakt.
8.
Als de pomp niet is ondergedompeld, vul dan de
pakkingmoer/het oliereservoir voor de helft met
een compatibel oplosmiddel.