VOORDAT U HET APPARAAT
GAAT GEBRUIKEN
Dit gedeelte bevat algemene informatie over het apparaat, zoals de namen en functies van de onderdelen van het
apparaat en van de randapparatuur, evenals de procedures voor het plaatsen van originelen en papier.
ONDERDEELNAMEN EN FUNCTIES
(6)
(1)
Uitvoerlade (uitvoerladekast)
In deze lade worden ontvangen faxen en afgedrukte vellen
papier opgevangen.
(2)
Automatische documentinvoereenheid
Hiermee worden meerdere originelen automatisch geladen
en gescand. Dubbelzijdige originelen kunnen automatisch
worden gescand.
(3)
USB-poort (A-type)
Via deze aansluiting kan een USB-apparaat zoals een
USB-stick op het apparaat worden aangesloten.
Ondersteunt USB 2.0 (Hi-Speed).
(4)
Bedieningspaneel
Op dit scherm ziet u indicators en bedieningstoetsen.
* Optioneel
(1)
(2)
(7)
(8)
(9)
(3)
(4)
(10)
(5)
Doorvoerlade
Gebruik deze lade om handmatig papier in te voeren.
Wanneer u papier laadt, moet u ook de verlenglade
openen.
(6)
Hendel
Grijp het wanneer de machine wordt verplaatst.
(7)
Lade 1
Plaats papier in deze lade.
(8)
Lade 2 (wanneer een papierinvoerlade voor 500
vellen is geïnstalleerd)
Plaats papier in deze lade.
(9)
Lade 3 - 4 (wanneer een standaard/papierlade van
2x500 vel is geïnstalleerd)*
Plaats papier in deze lade.
Can enkel worden geïnstalleerd wanneer een
papierinvoerlade voor 500 vellen is geïnstalleerd.
(10) Voorkaft
Open deze klep om een tonercartridge te vervangen.
(5)
7