Controleren van het oliepeil van de
transmissie Rider 13 C en Rider 15 C
1. Verwijder de transmissiekap. Maak de beide
bouten (een aan iedere kant) los en til de
transmissiekap van zijn plaats.
2. Rider 13 C, Rider 15 C
Controleer of er olie in de olietank van de
transmissie zit. Vul indien nodig bij met motorolie
SAE 10W/30 (klasse SF-CC).
Rider 13 AWD
Controleer of er olie in de olietank van de
transmissie zit. Vul indien nodig bij met motorolie
SAE 10W/40 (klasse SF-CC).
Olie verversen wordt gedaan door een erkende
servicewerkplaats en wordt in het
werkplaatshandboek beschreven.
Filters worden vervangen op het moment dat olie
wordt ververst.
Maatregelen aan het systeem stellen bijzondere
eisen aan netheid en het systeem moet worden
ontlucht voor de machine in gebruik wordt genomen.
Het smeren van de riemspanner
De riemspanner moet regelmatig gesmeerd worden
met een goede kwaliteit molybdeendisulfidevet*.
1 st. smeerpunt aan de rechterkant onder de
onderste poelie van de motor, tot het vet eruit komt.
Bij dagelijks gebruik moet het smeren twee keer per
week worden uitgevoerd.
SMEREN
Rider 13 AWD
8009-585
6021-030
6008-240H
6008-232
43
Nederlands –