3.6 Algemene veiligheidsinformatie
w
WAARSCHUWING
Zorgervoor,datualtijdeenreservevoorraadsterieleproduc-
tenenaccessoires(infusieset,insulineampul,batterijen),een
insulinepen / spuitjeeninsulinebijuheeft.Zonderinsuline
kanerbijdiabetesmellitusketoacidoseontstaan,waardoor
behandelingenopnameinhetziekenhuisnodigkanzijn.
c
LET OP!
Steluwinsulinepompnietblootaandirectzonlicht.Voorkom,
datdeinsulineendepompoververhitraken.Voorkomdirecte
blootstellingvanuwinsulinepompaankoudewindenaan
temperaturenboven40°Cofbeneden5°C.Dezecondities
kunneneennegatieveinvloedhebbenopdeinsuline,de
behuizingvanuwinsulinepompbeschadigenenookeen
slechtewerkingvandebatterijveroorzaken.Raadpleegde
gebruiksaanwijzingvandedoorugebruikteinsulineomhet
toegestanetemperatuurbereikvasttestellen.
76
Opmerking Controleer de nog in de ampul aanwezige hoeveel-
heid insuline ten minste één maal per dag. Druk in
de displayweergave RUN of STOP op f om de
nog in de ampul aanwezige hoeveelheid insuline in
eenheden weer te geven. Voordat u gaat slapen,
wordt u geadviseerd ervoor te zorgen, dat:
de ampul voor de nacht voldoende insuline bevat
j
de batterij is voldoende opgeladen
j
j
de tijd en de datum correct zijn ingesteld