Cerabar PMP23 IO-Link
9.3
Configuratie drukmeting
9.3.1
Kalibratie zonder referentiedruk (droge kalibratie = kalibratie zonder medium)
Voorbeeld:
In dit voorbeeld, wordt een instrument met een 400 mbar (6 psi) sensor geconfigureerd voor
meetbereik 0 ... 300 mbar (0 ... 4,4 psi).
De volgende waarden moeten worden ingesteld:
• 0 mbar = 4 mA waarde
• 300 mbar (4,4 psi) = 20 mA waarde
Voorwaarde:
Dit is een theoretische kalibratie, d.w.z. de drukwaarden voor het aanvangs- en
eindwaardebereik zijn bekend. Het activeren van druk is niet nodig.
Vanwege de inbouwpositie van het instrument, kunnen drukverschuivingen in de
meetwaarde aanwezig zijn, d.w.z. de meetwaarde is niet nul in drukloze toestand. Voor
informatie over het uitvoeren van de positie-instelling, zie het hoofdstuk "Uitvoeren
positie-instelling" → 21.
Voor een beschrijving van de genoemde parameters en mogelijke foutmeldingen, zie de
bedieningshandleiding.
Uitvoeren van de configuratie
1.
Kies een drukeenheid, hier bijvoorbeeld "bar", via de parameter Unit changeover (UNI).
2.
Kies de parameter Value for 4 mA (STL). Voer de waarde (0 bar (0 psi)) in en bevestig
dit.
Deze drukwaarde is toegekend aan de aanvangsstroomwaarde (4 mA).
3.
Kies de parameter Value for 20 mA (STU). Voer de waarde (300 mbar (4,4 psi)) in en
bevestig deze.
Deze drukwaarde is toegekend aan de eindstroomwaarde (20 mA).
Het meetbereik is geconfigureerd voor 0 ... 300 mbar (0 ... 4,4 psi).
Endress+Hauser
Inbedrijfname
19