4.2
BATTERIJ-INDICATIE:
Zowel de ouder-unit als de baby-unit zijn uitgerust met een batterij-
indicatie in het display.
Baby-unit:
*
indien en zolang de baby-unit door de adapter gevoed wordt, is
het batterijsymbool gedoofd
*
wordt de baby-unit door batterijen gevoed, dan licht op het
display het batterijsymbool op en geeft tevens de lading weer:
*
kort nadat het batterij-leeg symbool (
unit uitschakelen; op de ouder-unit klinken nu attentietoontjes en
verschijnt de tekst [ GEEN CONTACT ]; nadat de batterijen zijn
vervangen (of de adapter wordt aangesloten), is de baby-unit
weer bruikbaar
Ouder-unit:
*
zodra de ouder-unit in de houder/oplader staat, verloopt het
batterijsymbool als indicatie dat de batterijen geladen worden,
zijn de batterijen vol dan stopt het verlopen en wordt het batterij-
vol symbool weergegeven
*
is de ouder-unit uit de houder/oplader genomen, dan geeft dit
symbool de lading van de batterijen aan
*
kort nadat het batterij-leeg symbool (
unit uitschakelen, op de baby-unit verschijnt de tekst [GEEN
CONTACT];
*
nadat de ouder-unit op de houder/oplader is geplaatst om de
batterijen op te laden, is de ouder-unit weer bruikbaar
batterij vol
batterij 2/3 vol
batterij 1/3 vol
batterij leeg
27
) oplicht, zal de baby-
) oplicht, zal de ouder-