Dagelijkse opstart
1. Controleer of de luchtregulator op nul staat.
2. Sluit de snelkoppeling van de luchtleiding aan op
de transferpomp.
3. Schakel de hoofdluchttoevoer langzaam in.
4. Draai de luchtregelaar langzaam vast totdat de
transferpomp traag draait.
5. Gebruik de luchtregelaar om de druk van de
pomp te regelen. Zie de Drukconversietabel,
pagina 29.
Laat de pomp nooit drooglopen door onvoldoende
materiaaltoevoer. Als de pomp droogloopt, neemt het
pomptoerental snel toe, waardoor er schade kan
ontstaan. Als uw pomp snel accelereert of te snel
loopt, moet u de pomp onmiddellijk uitschakelen en
de vloeistoftoevoer controleren. Als de vloeistofhouder
leeg is of er lucht door de leidingen is gepompt, vult u
de houder en daarna de pomp en de leidingen met
vloeistof. U kunt ze ook spoelen en met een
geschikt oplosmiddel vullen. Zorg ervoor dat het
materiaalsysteem volledig wordt ontlucht.
Zet de pomp niet aan vooraleer ze veilig op het vat
is bevestigd.
3A6733P
LET OP
Dagelijkse uitschakelprocedure
1. Schakel de luchttoevoer naar de pomp uit of sluit
het bovenstroomse kogelventiel af.
2. Sluit het zelfontlastende hoofdluchtventiel (AD).
3. Zet de luchtregelaar op nul zodra het systeem
ontlucht is.
Bediening
15