Aansluiten op een
computer
Opmerkingen
• Voordat u het apparaat op een computer aansluit, moet
u het apparaat, de computer, de monitor en alle op de
computer aangesloten randapparatuur uitschakelen.
• Voordat u het apparaat op de computer aansluit, haalt
u het netsnoer van het apparaat uit het stopcontact.
Sluit het netsnoer pas aan als u het apparaat op de
computer hebt aangesloten.
• Volg de procedures voor het aansluiten van apparaten
die u vindt in de handleiding van de computer.
• Zorg ervoor dat kabelstekkers goed vastzitten in hun
aansluitingen.
• Het printerstuurprogramma dat bij de printer is
geleverd is niet geschikt voor gebruik in een netwerk.
• Wanneer u de printer aansluit op de computer via een
USB-hub kan de werking niet worden gegarandeerd.
• U kunt twee of meer apparaten op dezelfde computer
aansluiten.
Aansluiten op de USB-aansluiting
naar
aansluiting
Het printerstuurprogramma installeren
op de computer
Wanneer u Windows XP/Windows Vista
gebruikt:
Schakel het apparaat in na het op de computer te hebben
aangesloten. Raadpleeg voor de installatie de
installatiegids op de bijgeleverde cd-rom en het
Readme-bestand.
(USB)-
USB-kabel
Wanneer u Windows 7/8/10 gebruikt:
Voor u dit apparaat aansluit op de computer, installeert u
het bijgeleverde printerstuurprogramma op de computer.
Raadpleeg voor de installatie de installatiegids op de
bijgeleverde cd-rom en het Readme-bestand.
Opmerking
Wanneer dit apparaat ingeschakeld is, mag u de stand-
bystand (sluimerstand) niet activeren op een verbonden
computer. Dit kan namelijk een storing veroorzaken.
19
Aansluiten op een computer