Bedrijf
Motoroliepeil - Controleren
Om te controleren of het oliepeil correct is, moet de
machine op een effen ondergrond staan en moet de
motor minstens 5 minuten daarvoor worden uitge-
schakeld. Alleen dan is er voldoende motorolie in het
oliecarter verzameld.
Oliepeilstok (2) eruit trekken en met een schone doek afvegen.
Oliepeilstok weer helemaal terugplaatsen en opnieuw eruit
trekken. Het oliepeil moet zich in het bereik "A" bevinden. Bij
een te laag oliepeil, de motorolie aan de olievulopening (1) bij-
vullen (blz. 194).
Het bedrijf met een te laag of te hoog oliepeil kan tot motorschade leiden.
Bij elke roetfilterregeneratie komen er kleine hoeveelheden brandstof in de motorolie. Hierdoor wordt
het motoroliepeil minimaal verhoogd. Onnodige onderbreking of herhaling van de roetfilterregenera-
tie leidt tot een overmatige bijmenging van brandstof. Hierdoor wordt de motorolie verdund en gaan
de kwaliteit en eigenschappen ervan achteruit.
Staat het oliepeil boven de markering "A" terwijl er geen motorolie werd bijgevuld, dan is de motorolie
te sterk verdund.
- Ververs de motorolie onmiddellijk.
Koelvloeistofpeil - Controleren
Koelvloeistofpeil in expansievat (1) controleren, het koelvloei-
stofpeil moet zich tussen FULL (A) en LOW (B) bevinden.
Niet de sluiting van de radiateur openen.
STOP
Indien het koelvloeistof peil zich onder LOW bevindt;
koelvloeistof bijvullen (blz. 139).
Indien het koelvloeistofpeil zich na het bijvullen in kor-
te tijd weer onder LOW bevindt, is het koelsysteem
lek. De machine as pas terug in gebruik genomen wor-
den als de fout verholpen is.
R5615-8144-5
01/2018
71