Oplading van hybride-accu starten
De hybride-accu van de auto is op te laden met
een laadkabel tussen de auto een 230V-stop-
4
contact
(wisselstroom).
Gebruik alleen de laadkabel die bij de auto werd
geleverd of een door Volvo geadviseerde vervan-
gende kabel.
BELANGRIJK
Sluit de laadkabel nooit aan bij gevaar voor
onweer of blikseminslag.
N.B.
Volvo adviseert een laadkabel volgens IEC
62196 en IEC 61851 die temperatuurbewa-
king ondersteunt.
4
De spanning op het stopcontact kan per markt verschillen.
Of gelijkwaardige contacten met een andere spanning, afhankelijk van de markt.
5
WAARSCHUWING
Het opladen van de hybride-accu mag
•
alleen gebeuren met de toelaatbare maxi-
mumlaadstroom of lager conform de
lokale en landelijke aanbevelingen voor
het opladen van hybridevoertuigen via
een 230V-contact/stekker (wisselspan-
ning).
Het opladen van de hybride-accu mag
•
alleen gebeuren via goedgekeurde en
met randaarde beveiligde 230V-contac-
5
ten
of via laadstations met een door
Volvo beschikbaar gestelde losse laadka-
bel (mode 3).
De aardlekschakelaar van de regeleen-
•
heid beschermt de auto, maar toch
bestaat het gevaar dat het 230V-net
overbelast raakt.
Gebruik geen stopcontacten die zichtbare
•
slijtage of schade vertonen, omdat het
gebruik ervan aanleiding kan geven tot
brand en/of letsel.
Gebruik nooit een verlengkabel.
•
Gebruik nooit een adapter.
•
HYBRIDE-INFORMATIE
WAARSCHUWING
De laadkabel heeft een geïntegreerde
•
aardlekschakelaar. Laad alleen op aan
geaarde en goedgekeurde contacten.
Houd kinderen in de gaten die in de buurt
•
van een aangesloten laadkabel komen.
Er loopt een hoge spanning door de laad-
•
kabel. Blootstelling aan een hoge span-
ning kan ernstig letsel met mogelijk
dodelijke afloop veroorzaken.
Gebruik de laadkabel niet als deze op
•
enigerlei wijze is beschadigd. Laat de
reparatie van een beschadigde of defecte
laadkabel over aan een werkplaats –
geadviseerd wordt een Volvo-werkplaats.
Plaats de laadkabel altijd zodanig dat er
•
niet overheen wordt gereden, op wordt
gestapt, over wordt gestruikeld of de
kabel op een andere manier beschadigd
raakt of letsel veroorzaakt.
Neem de lader los van het wandcontact
•
voordat u hem schoonmaakt.
Gebruik de laadkabel nooit in combinatie
•
met een verlengsnoer of verlengdoos.
Zie ook de voorschriften van de fabrikant voor
het gebruik van de laadkabel en de onderde-
len daarvan.
}}
429