De automatische airco achterin is niet gebruiks‐
klaar als de airconditioning met elektronische
temperatuurregeling is uitgeschakeld of de vol‐
gende functie actief is: ruiten ontdooien en ont‐
wasemen.
Via toets: inschakelen
Willekeurige toets indrukken, met volgende uit‐
zonderingen:
▷
OFF-toets.
▷
Stoelverwarming.
Via toets: uitschakelen
Toets indrukken.
Temperatuur
Principe
De geïntegreerde verwarmings- en aircondition‐
ingsregeling regelt de ingestelde temperatuur zo
snel mogelijk, indien nodig met het hoogste koel-
of verwarmingsvermogen, en houdt deze dan
constant.
Instellen
Linker- of rechterzijde van de toets in‐
drukken: temperatuur verlagen of verho‐
gen.
De geselecteerde temperatuur wordt op het dis‐
play van de airconditioning weergegeven.
Wisselingen tussen verschillende temperatuurin‐
stellingen kort achter elkaar voorkomen. De air‐
conditioning met elektronische temperatuurre‐
geling heeft dan niet voldoende tijd om de
ingestelde temperatuur te regelen.
AUTO-programma
Principe
Luchthoeveelheid, luchtverdeling en temperatuur
worden automatisch geregeld.
Online Edition for Part no. 01402720787 - II/19
Klimaatregeling
In-/uitschakelen
Toets indrukken.
LED brandt bij ingeschakeld automa‐
tisch programma.
Naargelang de gekozen temperatuur en de ex‐
terne invloeden wordt de lucht in de richting bo‐
venlichaam en naar de beenruimte gevoerd.
Luchtverdeling handmatig instellen
Principe
De luchtverdeling voor de klimaatregeling kan
handmatig ingesteld worden.
Bediening
Toets herhaald indrukken om een pro‐
gramma te selecteren:
▷
Ter hoogte van het bovenlichaam.
▷
Ter hoogte van het bovenlichaam en de
beenruimte.
▷
Beenruimte.
Interieurvoorventilatie/-
verwarming
Principe
Het systeem bestaat uit de interieurvoorventilatie
en interieurvoorverwarming. Hiermee kan het in‐
terieur nog vóór het begin van de rit op tempera‐
tuur gebracht worden. Afhankelijk van de inge‐
stelde temperatuur en omgevingstemperatuur
wordt het interieur verlucht of verwarmd. Daarbij
maakt het systeem eventueel gebruik van de
aanwezige restwarmte van de motor of de brand‐
stof van de auto voor het opwekken van warmte.
Algemeen
Het systeem kan met een voorgeselecteerde
vertrektijd of direct worden in- en uitgeschakeld.
BEDIENING
261