Doorspoelen
Het volledige systeem
doorspoelen
1.
Volg Drukontlastingsprocedure op blz. 14. Zet de
trekker op de veiligheidspal. Draai de luchtregelaar
op 0 en sluit de hoofdluchtafsluiter. Verwijder de
spuittip en week deze in oplosmiddel.
2.
Vervang de aanvoer van componenten A en B door
oplosmiddel.
3.
Stel de luchtregelaar in op 50 psi (345 kPa, 3,4 bar).
4.
Draai de functieknop op A
A
5.
Zorg dat afsluiter G
A
afnamekraan H
langzaam. Pomp A draait 12 volle
slagen en stopt vervolgens. Zonodig de pomp
opnieuw starten. Als er schoon oplosmiddel uit
de monsterafnamekraan H
kraan.
A
H
A
J
A
H
18
. Druk op
open is. Open monster-
A
stroomt, sluit dan de
B
H
G
B
J
TI4699a
A
G
6.
Spuit met het pistool in een geaarde opvangbak.
Doseer ongeveer 500 cc materiaal en druk
vervolgens op
Als de pomp niet start als u de trekker van het pis-
tool indrukt, verhoog dan de luchtdruk in stappen
van 10 psi (69 kPa, 0,7 bar); om spatten te voor-
komen mag u niet verder gaan dan 70 psi
(483 kPa, 4,8 bar). Als de pomp dan nog steeds
niet start, kan het oplosmiddel de pakkingen heb-
ben doen opzwellen; in dat geval wordt het aan-
bevolen om de Tuff Stack
gebruiken.
7.
TI1948A
TI1948A
Open de doorspuitklep voor het oplosmiddel J
Draai de pomp voor het oplosmiddel aan.
A
.
8.
Spuit met het pistool in een geaarde opvangbak.
Doseer ongeveer 1000 cc materiaal.
9.
Sluit de doorspuitklep voor het oplosmiddel J
B
A
.
™
pakkingset te
A
J
A
J
A
.
B
A
.
B
310768E