Voorzorgsmaatregelen voor de batterij
Zorg er altijd voor dat de batterijuitgangen (
) schoon zijn. Als de
aansluitingen niet goed schoon zijn, kan dit leiden tot een slecht contact
tussen de batterij en de camera. Wrijf de aansluitingen schoon met een
tissue of een droge doek voordat u de batterij oplaadt of gebruikt.
Houd de oplader niet ondersteboven en zwaai er niet mee als er een batterij
in zit. De batterij kan eruit vallen.
Bij lage temperaturen kunnen de prestaties van de batterij teruglopen en
kan het pictogram waarmee wordt aangegeven dat de batterij bijna leeg is,
sneller dan normaal verschijnen. Onder deze omstandigheden activeert u
de batterij door deze onmiddellijk vóór het gebruik op te warmen in uw
broekzak. Zorg echter dat uw broekzak geen metalen voorwerpen,
bijvoorbeeld een sleutelhanger, bevat om kortsluiting van de batterij
te voorkomen.
Dek de batterijlader tijdens het opladen van een batterij niet af met
voorwerpen zoals een tafellaken, tapijt, deken of kussen. Het apparaat kan
dan te warm worden en mogelijk brand veroorzaken.
Gebruik met deze oplader uitsluitend batterijen van het type NB-3L.
Zelfs als de camera is uitgeschakeld, verliest de batterij voortdurend een
minimale hoeveelheid energie wanneer deze zich in de camera of in de
oplader bevindt. Hierdoor wordt de levensduur van de batterij verkort.
Zorg dat er geen metalen objecten
Fig. A
Fig. B
zoals sleutels in aanraking komen
met de uitgangen
en
(Fig. A), aangezien de batterij
hierdoor beschadigd kan raken.
Als u de batterij wilt vervoeren of
opslaan wanneer u deze niet
gebruikt, moet u altijd de afdekking
van de aansluitingen terugplaatsen
(Fig. B).
Ook opgeladen batterijen verliezen
voortdurend wat van hun lading. U
kunt de batterij het beste opladen op de dag van gebruik of een dag
daarvoor, zodat deze optimaal is opgeladen.
Wanneer u een volledig opgeladen batterij langere tijd (ongeveer een jaar)
weglegt, kan dit de levensduur beperken of de prestaties doen afnemen.
Het is daarom raadzaam om de batterij in de camera te gebruiken totdat de
batterij volledig leeg is en deze vervolgens op een koele plaats bij
kamertemperatuur (0°C tot 30°C) te bewaren. Als u de batterij langere
perioden niet gebruikt, moet u de batterij ongeveer eenmaal per jaar
volledig opladen en vervolgens gebruiken in de camera totdat de batterij
weer leeg is, voordat u de batterij opnieuw opbergt.
Als de prestaties van de batterij aanzienlijk verminderen, zelfs als deze
volledig is opgeladen, moet u de batterij vervangen.
19