Een terugkerende waarschuwing instellen
Een terugkerende waarschuwing wordt afgegeven telkens wanneer het toestel een opgegeven waarde of
interval registreert. U kunt bijvoorbeeld instellen dat het toestel u elke 30 minuten waarschuwt.
1 Selecteer
en vervolgens een activiteitenprofiel.
2 Selecteer Opties > Alarmen.
3 Selecteer Tijd, Afstand of Calorieën.
4 Schakel de waarschuwing in.
5 Selecteer een waarde of voer er een in.
Telkens als u de opgegeven waarde voor een waarschuwing bereikt, wordt een bericht weergegeven. Het
toestel geeft ook een pieptoon of trilt als geluidssignalen zijn ingeschakeld
pagina
18).
Hartslagwaarschuwingen instellen
U kunt het toestel zo instellen dat u een waarschuwing krijgt wanneer uw hartslag boven of onder een doelzone
of een door u ingesteld bereik ligt. Zo kunt u bijvoorbeeld instellen dat het toestel u waarschuwt als uw hartslag
lager is dan 150 bpm (slagen per minuut).
1 Selecteer
en vervolgens een activiteitenprofiel.
2 Selecteer Opties > Alarmen > HS-waarschuwing.
3 Selecteer een optie:
• Als u het bereik van een bestaande hartslagzone wilt gebruiken, selecteert u die hartslagzone.
• Als u de maximumwaarde wilt aanpassen, selecteert u Aangepast > Hoog > Schakel in en voert u een
waarde in.
• Als u de minimumwaarde wilt aanpassen, selecteert u Aangepast > Laag > Schakel in en voert u een
waarde in.
Telkens als u boven of onder het opgegeven bereik of de aangepaste waarde komt, wordt een bericht
weergegeven. Het toestel geeft ook een pieptoon of trilt als geluidssignalen zijn ingeschakeld
toestelgeluiden instellen, pagina
De functie Auto Pause
U kunt de functie Auto Pause gebruiken om de timer automatisch te pauzeren wanneer u stopt met bewegen.
Dit is handig als in uw activiteit verkeerslichten of andere plaatsen waar u moet stoppen, voorkomen.
OPMERKING: De geschiedenis wordt niet vastgelegd wanneer de timer is gestopt of gepauzeerd.
1 Selecteer
en vervolgens een activiteitenprofiel.
2 Selecteer Opties > Auto Pause > Schakel in.
De functie Auto Pause blijft tijdens het geselecteerde activiteitenprofiel ingeschakeld, totdat u deze uitschakelt.
Ronden op afstand markeren
Met de functie Auto Lap
handig wanneer u uw prestaties tijdens verschillende gedeelten van een hardloopsessie wilt vergelijken
(bijvoorbeeld telkens na 1 mijl of 1 km).
1 Selecteer
en vervolgens een activiteitenprofiel.
2 Selecteer Opties > Ronden > Auto Lap > Schakel in.
3 Selecteer indien nodig een afstand.
Telkens wanneer u een ronde voltooit, wordt er een bericht weergegeven met de rondetijd. Het toestel geeft ook
een pieptoon of trilt als geluidssignalen zijn ingeschakeld
Auto Lap blijft tijdens het geselecteerde activiteitenprofiel ingeschakeld, totdat u deze uitschakelt.
U kunt indien nodig de gegevensschermen aanpassen en extra rondegegevens laten weergeven.
6
18).
gebruiken
®
kunt u een ronde automatisch markeren op basis van een bepaalde afstand. Dit is
®
(De toestelgeluiden instellen,
(De toestelgeluiden instellen, pagina
(De
18). De functie
Training