13
Installatie van de unit
13.1
Installatieplaats voorbereiden
13.1.1
Vereisten inzake de plaats waar de
buitenunit geïnstalleerd wordt
Houd rekening met de richtlijnen inzake de benodigde ruimte. Zie
het hoofdstuk "Technische gegevens".
VOORZICHTIG
Toestel niet toegankelijk voor iedereen; installeer het op
een beveiligde plaats die niet voor iedereen toegankelijk is.
Deze units, binnen- en buitenunit, zijn zowel geschikt voor
commerciële als kleinindustriële toepassingen.
OPMERKING
Deze apparatuur is conform Klasse A van EN55032/
CISPR 32. In een residentiële omgeving kan deze
apparatuur radiostoringen veroorzaken.
13.2
Openen van de unit
13.2.1
De buitenunit openen
GEVAAR: GEVAAR VOOR ELEKTROCUTIE
GEVAAR: RISICO OP BRANDWONDEN
B
Wanneer
het
voorpaneel
A
componentenkast
toegankelijk.
componentenkast van de buitenunit
Voor servicewerkzaamheden is toegang tot de drukknoppen op de
hoofdprintplaat
vereist.
Het
componentenkast moet niet worden geopend om toegang te krijgen
tot deze drukknoppen. Zie
"16.1.3 Toegang tot de componenten
instellingen" [ 4 34].
voor lokale
Voorpaneel B moet worden verwijderd om de waterleiding en de
lokale bedrading te installeren.
13.2.2
Elektrische componentenkast van de
buitenunit openen
OPMERKING
Forceer het deksel van de elektronische componentenkast
NIET wanneer u het opent. Anders kunt u het deksel
vervormen,
waardoor
binnendringen en de apparatuur onklaar geraakt.
RWEYQ8~14T9Y1B
Watergekoelde VRV IV-systeem airconditioner
4P452190-1D – 2020.10
11×
A
open
is,
is
de
elektrische
Zie
"13.2.2
Elektrische
openen" [ 4 17].
deksel
van
de
elektrische
er
water
in
de
kast
kan
13 Installatie van de unit
1
2
13.3
De buitenunit monteren
13.3.1
De installatiestructuur voorzien
Zorg ervoor dat de unit waterpas staat op een voldoende stevige
ondergrond om trillingen en lawaai te voorkomen.
800 mm
600 mm
▪ Maak de unit vast met behulp van de vier M12-funderingsbouten.
De beste manier is om de funderingsbouten in te schroeven tot ze
nog 20 mm boven het oppervlak van de fundering uitsteken.
14
Installatie van de leidingen
14.1
De koelmiddelleidingen
voorbereiden
14.1.1
Vereisten voor de koelmiddelleidingen
OPMERKING
Voor
R410A-koelmiddel
voorzorgsmaatregelen worden genomen om het systeem
schoon en droog te houden. Alle mogelijke voorzorgen
dienen genomen te worden opdat er nooit vreemde stoffen
(inclusief minerale oliën of vochtigheid) in het systeem
kunnen komen en zich vermengen met het koelmiddel.
OPMERKING
De leidingen en andere drukvoerende delen moeten
geschikt zijn voor koelmiddel. Gebruik met fosforzuur
gedeoxideerde,
naadloze
koelmiddel.
▪ Vreemde stoffen in de leidingen, waaronder oliën die tijdens de
fabricage worden gebruikt, mogen niet meer dan 30 mg/10 m
bedragen.
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing
4×
SW8
a
moeten
strikte
koperen
leidingen
voor
17