Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Toebehoren; Montage / Inbouw; Montage; Persleiding - Wilo Rainsystem Af400 Inbouw- En Bedieningshandleiding

Verberg thumbnails Zie ook voor RainSystem AF400:
Inhoudsopgave
Wilo RainSystem AF400

4.5 Toebehoren

Het toebehoren moet afzonderlijk besteld worden:
dompelpomp TS..., TP...
vlotterschakelaar WA 65.

5 Montage / inbouw

5.1 Montage

De installatie wordt volledig gemonteerd geleverd. Ze moet op een effen ondergrond in
een vorstvrije ruimte geplaatst worden. De installatie wordt verticaal uitgelijnd met
behulp van in de hoogte verstelbare trillingsdempers (rubbervoetjes). Rechtstreeks
contact van de installatie met aangrenzende muren moet vermeden worden om
eventuele geluidsstoringen via contactgeluid te voorkomen.
OPGELET!
OPGELET!

5.1.1 Persleiding

Er is een buisaansluiting aan de rechter- en linkerzijde van de installatie met een
buitendraad R1½" voor het aansluiten van de persleiding. Voor de aansluiting raden we
elastische verbindingsbuizen aan om overdracht van lichaamsgeluid op het
verbruikersnetwerk te vermijden. De ongebruikte aansluiting moet afgedicht worden met
een standaardafsluitdop (drukklasse PN10).

5.1.2 Aansluiting van de toevoerleiding uit de waterput

Het verbindindsstuk bevindt zich aan de bovenzijde van de opslagtank (ø 50, 100 mm
lang, materiaal PE) en kan op de toevoerleiding uit de waterput aangesloten worden
met behulp van standaardverbindingstechnieken (vb. klemverbinding).
OPGELET!

5.1.3 Overloopverbinding

De overloop DN 100 met overloopsifon als stankafsluiter en volledige doorlaat volgens
DIN 1986 (buiten-ø 110 mm, 100 mm lang, materiaal PE) moet op de riolering met HT-,
KG- of andere afvalwaterleidingen aangesloten worden. Er moet in elk geval gezorgd
worden voor een terugstuwbeveiliging.
WILO
AG
• Nortkirchenstraße 100 • D-44263 Dortmund • Tel. (0231) 41 02-0 • Telex 8 22 697 • Telefax 41 02-3 63
De montageplaats van de installatie moet hoger zijn dan het hoogste
waterniveau in de waterput; anders bestaat het risico dat de waterput
via de installatie in het leidingnet leegloopt.
Alle leidingaansluitingen moeten spanninsgvrij uitgevoerd worden,
leidingbelastingen moeten ondersteund worden en mogen niet naar de
aansluitingen van de installatie overgebracht worden.
De toevoerhoeveelheid uit de waterput mag niet meer bedragen dan
16 m³/h (breng evt. een smoorklep aan)! Verder is een terugslagklep in
de toevoerleiding vereist, omdat de installatie anders in de waterput kan
leeglopen.
12
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave