8.8.2
Dimensionering rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem
De diameter wordt bepaald door de totale lengte, inclusief aansluitpijp, en het verloop van
het rookkanaal (zoals bij inmeten is vastgesteld) en het type ketel. Een te kleine diameter kan
leiden tot storing. Zie tabel 8.8.2.a voor keuze van het systeem met de juiste diameter. De
tabel toont de maximale afvoerlengte bij verschillende ketelvermogens.
Toelichting op tabel 8.8.2.a:
Tweepijps afvoersysteem:
Concentrisch afvoersysteem:
Bij toepassing van bochten moet de opgegeven waarde achter elke bocht van de maximale
rechte lengte afgetrokken worden (zie voorbeeld).
Dimensionering van de rookgasafvoer- en luchttoevoerleiding
Type
Diameter concentrisch 60/100 (standaard uitvoering i20C en i20EC)*
Rechte lengte (B)
Weerstand 45°
Weerstand 87°
Diameter concentrisch 80/125*
Rechte lengte (B)
Weerstand 45°
Weerstand 87°
Diameter parallel 80/80 (standaard uitvoering i32S, i28C, i28EC, i36C en i36EC)*
Rechte lengte (A)
Weerstand 45°
Weerstand 87°
* mogelijk met concentrische adapter 60/100 (RA10C0P1), concentrische adapter 80/125 (RA10C0P0) of met parallelle adapter
(RA10T0P0)
42
maximale opgegeven lengte = afstand tussen
maximale opgegeven lengte = afstand tussen
Voorbeeld:
Een i36C met een concentrisch
afvoersysteem ø80/125mm heeft
volgens de tabel een maximale
rechte afvoerlengte van 50 m.
In het toe te passen systeem
moeten 2x een 45° bocht
opgenomen worden.
De maximale afvoerlengte wordt
dan:
50 - 2x1,9 = 46.2m.
Figuur 8.8.2.a
ALLEEN VOOR DE ERKENDE INSTALLATEUR
ketel en dakdoorvoer A.
ketel en dakdoorvoer B.
i32S
i20C
i28C
m
8
15
23
m
m
m
40
50
50
m
m
m
45
50
50
m
m
i36C
i20EC
i28EC
i36EC
10
15
21
-1,3
-1,9
50
50
50
-1,9
-3
50
50
50
-0,9
-1,4
Tabel 8.8.2.a
Rookgassen
Lucht
Lucht
Stromingsrichting
concentrisch
Figuur 8.8.2.b
8
45
45