9.
Zorg dat de knop 'pomp vullen/spuiten' in
de stand 'pomp vullen' staat (omlaag gericht).
Stel de snelheidsregelaar in op 10.
10. Zet het spuitapparaat ondersteboven en richt
het in een afvalbak. Knijp de trekker
15 seconden lang in.
11. Draai de knop voor 'pomp vullen/spuiten'
verder naar de spuitstand.
12. Houd het spuitapparaat ondersteboven
en richt het in een afvalbak.
a.
Met de spuittip in de stand voor
SPUITEN, knijpt u de trekker vijf
seconden lang in. Laat de trekker los.
3A4943D
b.
ti29766a
13. Als u een tweede spuittip hebt gebruikt,
verwijder de gereinigde spuittip dan van de
spuittipbeschermer en installeer de tweede
spuittip. Zie Installatie van de spuittip,
pagina 24. Herhaal stap 11 en 12 om
de tweede spuittip te reinigen.
ti29768a
14. Verwijder het bekersamenstel en gooi de
gebruikte vloeistof weg. Voer de gebruikte
reinigingsvloeistof op de juiste wijze af.
15. Voeg nieuwe reinigingsvloeistof toe en
herhaal stap 6 – 14 tot er schone vloeistof
uit het spuitapparaat komt.
BELANGRIJK! Spuit tijdens de reiniging niet meer
dan één kopje water door de tip om de beste
resultaten te bereiken. Als de tip dan nog niet
schoon is, haal deze dan van het spuitapparaat af
om overmatige slijtage te voorkomen.
Keer de spuittip om naar de stand
ONTSTOPPEN (UNCLOG). Knijp
de trekker vijf seconden lang in.
Laat de trekker los.
Reinigen
21