Chevrolet Camaro Owner Manual (GMNA-Localizing-Europe-6336451) -
2014 - CRC - 7/23/13
3-20
Stoelen en veiligheidssystemen
Wanneer moet een airbag
afgaan?
Deze auto is uitgerust met airbags.
Zie Airbagsysteem op pagina 3-16.
Airbags worden vanzelf opgeblazen
als de kracht van de aanrijding de
specifieke activeringsdrempel van
het airbagsysteem overschrijdt. De
drempelwaarden dienen om te
voorspellen of de airbags bij een
ongeval nog tijdig kunnen worden
opgeblazen om de inzittenden op
hun plaats te houden. De auto heeft
elektronische frontsensoren
waarmee het airbagsysteem de
ernst van de aanrijding kan
vaststellen. De drempelwaarden
voor activering kunnen per voertuig-
ontwerp verschillen.
Frontairbags worden bij zware
frontale of halffrontale aanrijdingen
geactiveerd, voornamelijk om de
kans op zwaar hoofd- en borstletsel
bij de bestuurder en de passagier
op de buitenste zitplaats voorin te
verminderen.
Of de frontairbags worden geacti-
veerd hangt niet alleen van uw
rijsnelheid af. Dat is afhankelijk van
wat er wordt geraakt, de richting van
de impact en hoe snel de auto
vertraagt.
Frontairbags kunnen bij verschil-
lende impactsnelheden worden
geactiveerd; dat is afhankelijk van of
de auto een voorwerp recht of
schuin raakt, of het voorwerp
stilstond of bewoog, of het stijf of
vervormbaar is en of het smal of
breed is.
Frontairbags zijn niet bestemd om af
te gaan wanneer de auto omslaat,
bij achteraanrijdingen en veel zijde-
lingse aanrijdingen.
De auto heeft bovendien technolo-
gisch gezien geavanceerde frontair-
bags. Bij geavanceerde frontairbags
wordt de werking van het systeem
aangepast aan de ernst van de
aanrijding.
De auto heeft ook een stoelpositie-
sensor waarmee het detectiesys-
teem de positie van de
Black plate (20,1)
bestuurdersstoel kan controleren.
De stoelpositiesensor geeft infor-
matie om de activering van de
frontairbags bij te stellen.
Zijairbags zullen activeren bij gemid-
delde of ernstige aanrijdingen van
opzij, afhankelijk van de locatie van
de impact. De zijairbags zijn niet
bedoeld om te activeren bij een
frontale of bijna-frontale aanrijding,
bij het omslaan van de auto of bij
een aanrijding van achteren. Een
zijairbag in de stoel moet activeren
aan de kant waar de auto wordt
geraakt.
Indien uitgerust met gordijnairbags
zullen deze activeren bij gemiddelde
of ernstige aanrijdingen van opzij,
afhankelijk van de locatie van de
impact. Bovendien moeten deze
gordijnairbags activeren wanneer de
auto omslaat of bij een zware
frontale aanrijding. Gordijnairbags
activeren niet bij een aanrijding van
achteren. Beide gordijnairbags
werken wanneer de auto links of
rechts wordt geraakt; wanneer het