m Verwerken/Layout
U kunt originele afbeeldingen verwerken en de layout van de originelen wijzigen. (Raadpleeg
"Verwerken/Layout instellingen" op pag. 7-62.)
n Boek/Pag./Bew/Versch. instellingen
U kunt boekjes maken, paginanummers toevoegen en afwerkfuncties voor gescande afbeeldingen
instellen. (Raadpleeg "Boek/Pag. Bew/Versch. instellingen" op pag. 7-46.)
o Scan originelen
U kunt diverse instellingen aangeven voor het scannen van ingebonden originelen en originelen met
afwijkende formaten. (Raadpleeg "Instellingen voor het scannen van originelen" op pag. 7-41.)
p Oproepen
Deze functie stelt u in staat de drie meest recente kopieerinstellingen op te roepen en deze instellingen
te gebruiken voor het kopiëren. (Raadpleeg "Oproepen van een eerdere kopieerinstelling (Oproepen)"
op pag. 7-36.)
q Programmageheugen
U kunt elke mogelijke combinatie van kopieerfuncties opslaan. Een programmatoets kan een naam
krijgen en kan maximaal negen instellingen bevatten. (Raadpleeg "Veel gebruikte kopieerinstellingen in
het geheugen opslaan (Programmageheugen)" op pag. 7-37. "Opslaan van de naam van een
geheugentoets," op pag. 7-38, "Oproepen van een kopieerinstelling," op pag. 7-39, "Wissen van een
kopieerinstelling," op pag. 7-39.)
7
7-6
Diverse functies op het scherm met basisfuncties voor spoedkopieën