7.
Het type batterijhouder op de systeemkaart bepaalt welke van de volgende sets instructies van
toepassing is voor het vervangen van de batterij.
Type 1
a.
Om de batterij uit het voetje te halen, moet u een dun metalen voorwerp in de sleuf aan de
zijkant van het voetje onder de batterij (1) steken en de batterij omhoog uit het voetje
wippen (2).
b.
Om de nieuwe batterij te installeren, moet u één kant van de nieuwe batterij met de
pluspool naar boven onder het lipje van het voetje steken (1) en de andere kant in het
voetje drukken zodat het vastklikt (2).
Afbeelding 2-69
Type 2
a.
Knijp de metalen klem die boven één kant van de batterij uitsteekt, iets samen om de
batterij te ontgrendelen. Verwijder de batterij wanneer deze omhoog komt (1).
b.
Schuif één kant van de nieuwe batterij onder het palletje van de houder, met de pluspool
naar boven. Duw de andere kant van de batterij omlaag totdat de klem vastklikt (2).
Afbeelding 2-70
OPMERKING:
Voer na vervanging van de batterij de volgende stappen uit om de procedure te
voltooien.
8.
Plaats het toegangspaneel terug.
Knoopcelbatterij verwijderen en vervangen (type 1)
Knoopcelbatterij verwijderen en vervangen (type 2)
De batterij vervangen
65