Niveau 2 - Programmeren (Installateursniveau)
Om toegang te verkrijgen tot het niveau 2 instelmenu,
ga als volgt te werk:
Druk de (▲), (▼) en de 'verlichtingsknop' gelijktijdig
in en houd ze enige seconden ingedrukt tot de eerste
parameter verschijnt op het display.
Zodra de eerste parameters zichtbaar wordt, zal het
systeem automatisch in de stand-by status schakelen.
1. Selecteer de aan te passen parameters met de (▲) en
de (▼) knoppen.
Zodra de aan te passen parameters op het scherm
verschijnen, is het mogelijk om:
Lijst van Niveau 2 Parameters (installateur niveau)
Parameter Omschrijving
AC
Deurschakelaar status
F3
Ventilatorstatus als compressor niet in bedrijf staat
F4
Ventilator pauze tijdens ontdooiing
dE
Sensor aanwezigheid
Als de verdamper/eindedooi sensor buiten werking is
gesteld, zal de ontdooiing cyclisch verlopen volgens
periode aanwezig d0. De ontdooiing eindigt wanneer
een extern signaal het ontdooiingscontact sluit, of
wanneer tijd d3 is verlopen.
d1
Ontdooiingswijze, Met heetgas ontdooiing of
verwarmingsweerstanden
bdr
Baudsnelheid Modbus
(Danfoss-systeemunit = 19200 baud)
Ad
Modbus-adres
Ald
Minimum en maximum temperatuur
Vertraging van de signalering en alarmdisplay
C1
Minimale tijd tussen uitschakelen en vervolgends
inschakelen van de compressor
CAL
Corrigeren van het ruimtesensorsignaal
Pc
Compressorbeveiligingscontact status
doC
Compressor veiligheid tijdsinterval ten behoeve van
de deurschakelaar: wanneer de deur wordt geopend
stoppen de verdamperventilatoren met draaien. De
compressor zal voor een tijd = doC blijven draaien en
vervolgens uitschakelen.
tdo
Herstart tijd, als de deur blijft open
Fst
Ventilator uitschakel temperatuur
De ventilatoren schakelen uit, zodra de ingelezen
temperatuur van de verdamper de ingestelde waarde
bereikt
Fd
Di erentieel voor de Fst
OPTYMA
TM
Control 1-fasig - AK-RC 101
2. De instelling te bekijken door op de SETKNOP te
drukken.
3. Pas de instellingen aan door de SETKNOP ingedrukt
te houden en vervolgens de instelling te wijzigen
met de (▲) en de (▼) knop.
4. Zodra de instelwaardes zijn ingesteld kunt u het
instelmenu verlaten door gelijktijdig op de (▲) en
de (▼)knop te drukken en deze vervolgens een paar
seconden vast te houden, tot de ruimtetemperatuur
weer op het scherm verschijnt.
5. Veranderingen worden automatisch opgeslagen,
zodra u het instelmenu verlaat.
6. Druk op de Standby knop om de elektronische
regeling weer op te starten.
Waarde
0 = NO
1 = NC
0 = ventilatoren draaien door
1 = ventilatoren werken alleen als de
compressor in bedrijf is
0 = ventilatoren in bedrijf tijdens
ontdooiing
1 = ventilatoren niet in bedrijf tijdens
ontdooiing
0 = verdampersensor aanwezig
1 = verdampersensor niet
0 = verwarmingselementen
1 = heetgasontdooiing
0=300. 1=600. 2=1200. 3=2400.
4=4800. 5=9600. 6=14400.
7=19200. 8=38400 baud.
1 ... 247 (+ instelling: AU moet worden
ingesteld op 7)
(+ jumper verplaatsen: zie pagina 14)
1...240 min
0...15 min
-10...+10
0 = NO
1 = NC
0...5 minuten
0... 240 min. (0=geen functie)
-45...+45°C
0...+10K
RS8FD510 © Danfoss A/S 2015/07
Standaard
0
1
1
0
0
7
0
120 min
0 min
0
0 = NO
0
0
+45°C
2K
11