Met uw auto rijden
LET OP
• Het systeem werkt mogelijk niet
goed als de bumper is vervangen
of als er reparaties zijn uitgevoerd
rond de sensor.
• Het detectiegebied is afhankelijk
van de breedte van de weg. Als de
weg
smal
is, detecteert
systeem
mogelijk
voertuigen op de rijstrook naast de
naastgelegen rijstrook.
• Als de weg daarentegen heel
breed is, detecteert het systeem
mogelijk geen andere voertuigen
op de naastgelegen rijstrook.
• Het
systeem
kan
uitgeschakeld
elektromagnetische golven.
6
170
Gevallen waarbij het systeem niet
mag worden gebruikt
De bestuurder kan mogelijk niet via de
buitenspiegel worden gewaarschuwd
wanneer:
- De buitenspiegelkast beschadigd of met
stof bedekt is.
- De ruit met stof bedekt is.
het
- De ruiten sterk getint zijn.
andere
worden
door
Beperkingen van het systeem
In de onderstaande situaties moet de
bestuurder voorzichtig zijn, omdat het
systeem in bepaalde omstandigheden
mogelijk geen andere voertuigen of
voorwerpen detecteert.
• Er
hangt
een
aanhanger
fietsendrager achter de auto.
• Het
voertuig
rijdt
in
weersomstandigheden, zoals zware
regenval of sneeuw.
• De sensor is vervuild door regen,
sneeuw, modder enz.
• De achterbumper waarin de sensor
zich bevindt, is afgedekt met vreemde
voorwerpen
zoals
een
bumperbescherming,
fietsendrager enz.
• De achterbumper is beschadigd of de
sensor bevindt zich niet meer op de
oorspronkelijk ingestelde positie.
• De voertuighoogte wordt verhoogd of
verlaagd door een zware last in de
kofferruimte,
bandenspanning enz.
• Als
de
temperatuur
achterbumper hoog is.
• Als de sensoren geblokkeerd worden
door andere voertuigen, muren of
parkeerpalen.
of
slechte
sticker,
een
abnormale
van
de