D De interne flitser gebruiken
y FlitsbelichtingscompensatieK
Stel de flitsbelichtingscompensatie in wanneer de belichting van het onderwerp
anders uitvalt dan gewenst. U kunt de belichtingscompensatie instellen op
maximaal ±2 stops met tussenstappen van 1/3.
Wanneer u de ontspanknop half indrukt, wordt het pictogram <y>
weergegeven in de zoeker.
Nadat u de opname hebt gemaakt, kunt u de
flitsbelichtingscompensatie annuleren door deze op 0 in te stellen.
Als [z2: Auto Lighting Optimizer/z2: Auto optimalisatie helderheid]
(pag. 146) is ingesteld op iets anders dan [Uitschakelen], kan de opname nog
steeds licht zijn, zelfs als er een kleinere flitsbelichtingscompensatie is ingesteld.
Als flitsbelichtingscompensatie op een externe Speedlite (afzonderlijk verkrijgbaar, pag 181) is
ingesteld, kunt u de flitsbelichtingscompensatie niet op de camera instellen (met Snel instellen of
externe flitsfunctie-instellingen). Als de flitsbelichtingscompensatie met zowel de camera als de
Speedlite is ingesteld, heeft de instelling van de Speedlite voorrang op die van de camera.
178
Druk op de knop <Q>
1
Het scherm Snel instellen wordt
weergegeven (pag. 57).
Selecteer [y].
2
Druk op de toetsen <W> <X> of
<Y> <Z> om [y*] te selecteren.
[Flitsbelichtingscomp.] wordt
onderin weergegeven.
Stel de waarde voor de
3
belichtingscompensatie in.
Als de opname te donker is, draait u
het instelwiel <6> naar rechts voor
een langere belichting.
Als de opname te licht is, draait u het
instelwiel <6> naar links voor een
kortere belichting.
.
(7)