Instellingen op effect bewaren (User Quick Settings)
Behalve instellingen opslaan in de vorm van Patches, kunt u ook instellingen opslaan voor afzonderlijke effecten.
Omdat u dergelijke opgeslagen instellingen in andere Patches kunt gebruiken, net als bij de Preset Quick Settings (pag. 35), is het
van te voren als User Quick Settings opslaan van effectinstellingen die u mooi vindt een handige manier om nieuwe Patches te
creëren.
Effecten die kunnen worden bewaard
• COMP
• OD/DS
• PREAMP
• EQ
1.
Het Patch COPY scherm verschijnt.
Het QUICK FX WRITE scherm verschijnt.
Selecteer de effectinstellingen die u wilt opslaan.
3-020d
2.
Het scherm verschijnt, waarin u de bestemming kunt aangeven
waarop de instellingen moeten worden opgeslagen.
Verplaats de cursor naar 'Write to'.
3.
4.
Selecteer de opslagbestemming voor de instellingen.
5.
De instellingen worden opgeslagen.
• FX-1/FX-2 Effects
• DELAY
• CHORUS
• REVERB
Hoofdstuk 3 Een klank opslaan
• PEDAL FX WAH and Pedal Bend
• SEND/RETURN
• ASSIGN1–8
Wanneer er bewerkingen zijn gedaan aan de op
dat moment geselecteerde Patch, komt het Patch
WRITE scherm in beeld.
• Om de instellingen ASSIGN 1-8 (pag. 51) op te
slaan, stelt u de SOURCE parameter in op
ASSIGN 1-8.
• Voor FX-1/FX-2 worden de instellingen in de
op dat moment gekozen effecten die zijn
ingesteld door FX select (pag. 105) opgeslagen.
• De hieronder genoemde effecten veranderen
met elke druk op de knop [MASTER/PEDAL
FX]
- PEDAL WAH
- PEDAL BEND
- SEND/RETURN
- ASSIGN 1–8
Indien u de naam van de User Quick Setting (12
tekens) wilt veranderen, druk dan op [DISPLAY
MODE]. Zie de stappen 4 t/m 6 van 'Een Patch
een naam geven (Patch NAME)' op pag. 42.
45