Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Navigatie-Instellingen; Instellingen Andere Vaartuigen; De Fabrieksinstellingen Van De Kaartplotter Herstellen - Garmin Echomap Plus Gebruikershandleiding

Inhoudsopgave

Navigatie-instellingen

OPMERKING: Voor sommige instellingen en opties zijn extra kaarten of toestellen vereist.
Selecteer Instellingen > Navigatie.
Routelabels: U kunt instellen welk type labels wordt weergegeven voor koerswijzigingen op de kaart.
Auto Guidance: Hiermee kunt u de parameters instellen die de kaartplotter gebruikt bij het berekenen van een
Auto Guidance route, wanneer u bepaalde premiumkaarten gebruikt.
Koerswijzigingsovergang activeren: Hier kunt u instellen of de koerswijziging op basis van tijd of afstand moet
worden berekend.
Tijd koerswijzigingovergang: Hiermee kunt u het aantal minuten instellen vóór de koerswijzigingsovergang naar
het volgende routedeel, als Tijd is geselecteerd voor de instelling Koerswijzigingsovergang activeren. Door
deze waarde te verhogen kunt u de nauwkeurigheid van de stuurautomaat bij het navigeren van een route of
het volgen van een Auto Guidance route vergroten bij veel wendingen en bij hogere snelheden. Voor rechtere
routes en lagere snelheden kan het verlagen van deze waarde de nauwkeurigheid van de stuurautomaat
vergroten.
Afstand koerswijzigingsovergang: Hiermee kunt u de afstand instellen vóór de koerswijzigingsovergang naar
het volgende deel, als Afstand is geselecteerd voor de instelling Koerswijzigingsovergang activeren. Door
deze waarde te verhogen kunt u de nauwkeurigheid van de stuurautomaat bij het navigeren van een route of
het volgen van een Auto Guidance route vergroten bij veel wendingen en bij hogere snelheden. Voor rechtere
routes en lagere snelheden kan het verlagen van deze waarde de nauwkeurigheid van de stuurautomaat
vergroten.
Begin van route: Selecteert een beginpunt voor routenavigatie.

Instellingen andere vaartuigen

Als uw compatibele kaartplotter is verbonden met een AIS-toestel of marifoon, kunt u instellen hoe andere
vaartuigen op de kaartplotter worden weergegeven.
Selecteer Instellingen > Overige schepen.
AIS: Schakelt ontvangst van AIS-signalen in en uit.
DSC: Schakelt DSC (Digital Selective Calling) in en uit.
AIS-alarm: Stelt het aanvaringsalarm in
uitzendingen met testwaarschuwingen inschakelen,

De fabrieksinstellingen van de kaartplotter herstellen

OPMERKING: Dit heeft gevolgen voor alle toestellen in het netwerk.
1 Selecteer Instellingen > Systeem > Systeeminformatie > Herstel.
2 Selecteer een optie:
• Als u de toestelinstellingen wilt herstellen naar de fabrieksinstellingen, selecteert u Herstel instellingen.
Dit herstelt de standaardinstellingen, maar verwijdert geen opgeslagen gebruikersgegevens, kaarten of
software-updates.
• Als u opgeslagen gegevens, zoals waypoints en routes, wilt wissen, selecteert u Wis gebruikergegevens.
Dit heeft geen invloed op kaarten of software-updates.
• Als u de opgeslagen gegevens wilt wissen en de fabrieksinstellingen van het toestel wilt herstellen,
koppelt u de kaartplotter los van het Garmin Marine Network, en selecteert u Gegevens verwijderen en
instellingen herstellen. Dit heeft geen invloed op kaarten of software-updates.
Toestelconfiguratie
(Een veilige zone voor aanvaringsgevaar instellen, pagina 25
pagina 27).
en
AIS-
111
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave