Beelden roteren
Wijzig de stand van beelden en sla ze als volgt op.
1
Selecteer [ ].
●
Druk op de knop [ ] en selecteer [ ] in
het menu ( = 31).
2
Draai de opname.
●
Druk op de knoppen [ ][ ] of draai
de regelaar [
selecteren, waardoor het beeld 90° in de
opgegeven richting draait. Druk op de
knop [ ] om de instelling te voltooien.
●
Rotatie is niet mogelijk als [Autom. draaien] is ingesteld op [Uit]
( = 104).
Via het menu
1
Selecteer [Roteren].
●
Druk op de knop [
[Roteren] op het tabblad [
Foto's
Films
] om [ ] of [ ] te
Automatisch draaien uitschakelen
Voer deze stappen uit om automatisch draaien van beelden uit te
schakelen. Bij automatisch draaien worden beelden gedraaid, afhankelijk
van de huidige oriëntatie van de camera.
] en selecteer
1] ( = 32).
2
Draai de opname.
●
Druk op de knoppen [ ][ ] om een beeld
te selecteren.
●
Druk op de knop [ ] om het beeld 90°
rechtsom te draaien. Druk nogmaals op
de knop om het beeld 90° linksom te
draaien. Druk een derde keer op de knop
om de oorspronkelijke stand te herstellen.
●
Druk op de knop [
gaan naar het menuscherm.
●
Op het scherm in stap 2 kunt u ook op [
] tikken om beelden
te roteren of op [
] tikken om terug te keren naar het
menuscherm.
●
Druk op de knop [
draaien] te selecteren op het tabblad [
3]. Selecteer vervolgens [Uit] ( = 32).
Beelden kunnen niet worden geroteerd ( = 104) als u [Autom.
●
draaien] instelt op [Uit]. Daarnaast worden reeds geroteerde
beelden ook in hun oorspronkelijke richting weergegeven.
Vóór gebruik
Basishandleiding
Handleiding voor gevorderden
Basishandelingen
van de camera
Auto-modus/Modus
Hybride automatisch
] om terug te
Andere opnamestanden
P-modus
Tv-, Av- en M-modus
Afspeelmodus
Wi-Fi-functies
Menu Instellingen
Accessoires
] om [Autom.
Bijlage
Index
104