Verplaats het verlichte deel naar de gewenste positie met de
knoppen M, m < en , terwijl u de knop DISPLAY ingedrukt
houdt. (Het menu HSV verdwijnt tijdelijk.)
3
Druk op de toets CAPTURE.
Het in het geheugen opgeslagen beeld verschijnt.
4
Geef de kleur op die u wilt aanpassen.
Geef de kleur op met COLOR SEL.
Zet de groene selectiebalk op COLOR SEL met de knop M of m
en geef dan de aan te passen kleur aan met de knop < of ,.
COLOR SEL
Beschrijving
RED [R-Y]
Kies rood als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen rood en geel
(R-Y) weergegeven.
YEL [Y-G]
Kies geel als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen geel en groen
(Y-G) weergegeven.
GRN [G-C]
Kies groen als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen groen en
cyaan (G-C) weergegeven.
CYN [C-B]
Kies cyaan als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen cyaan en
blauw (C-B) weergegeven.
BLU [B-M]
Kies blauw als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen blauw en
magenta (B-M) weergegeven.
MAG [M-R]
Kies magenta als aan te passen kleur.
Wanneer u INTENSITY aanpast,
worden de tinten tussen magenta en
rood (M-R) weergegeven.
5
Geef de parameter op die u wilt aanpassen.
Geef de parameter op met SPLIT9.
Zet de groene selectiebalk op SPLIT9 met de knop M of
m en geef dan de parameter op met de knop < of ,.
SPLIT9
Beschrijving
INTENSITY
Geeft de tint op van het kleurbereik
(bijv. [R-Y]) dat is geselecteerd met
COLOR SEL als parameter voor
aanpassing.
SATURATION
Geeft de verzadiging op van de kleur
die is geselecteerd met COLOR SEL
als parameter voor aanpassing.
VALUE
Geeft de helderheid op van de kleur
die is geselecteerd met COLOR SEL
als parameter voor aanpassing.
HUE
Geeft de tint op van de kleur die is
geselecteerd met COLOR SEL als
parameter voor aanpassing.
De kleur- en beeldkwaliteit aanpassen
57