Beveiliging
Richtlijnen voor Compaq wachtwoorden
en Windows-wachtwoorden
Wachtwoorden van Compaq en Windows zijn niet uitwisselbaar.
Geef een Compaq wachtwoord op wanneer om een Compaq
wachtwoord wordt gevraagd en geef een Windows-wachtwoord
op wanneer om een Windows-wachtwoord wordt gevraagd.
Bijvoorbeeld:
■
Als er een opstartwachtwoord is ingesteld, voert u dit
opstartwachtwoord (en niet een Windows-wachtwoord) in om
de notebookcomputer op te starten of de Hibernation-stand te
beëindigen.
■
Als in Windows is ingesteld dat er een wachtwoord moet
worden ingevoerd om de standbystand te beëindigen, voert
u een Windows-wachtwoord (en niet een opstartwachtwoord)
in om de standbystand te beëindigen.
U kunt wel hetzelfde woord of dezelfde reeks letters of cijfers van
een Compaq wachtwoord instellen voor een ander Compaq
wachtwoord of voor een Windows-wachtwoord. Let hierbij op het
volgende.
■
Compaq wachtwoorden kunnen bestaan uit een willekeurige
combinatie van maximaal acht letters en cijfers. Daarbij
wordt geen onderscheid gemaakt tussen hoofdletters en
kleine letters.
■
Een Compaq wachtwoord moet met dezelfde toetsen worden
ingevoerd als waarmee het is ingesteld. Als u bijvoorbeeld
een Compaq wachtwoord instelt met de cijfertoetsen boven
aan het toetsenbord, wordt het niet herkend als u het typt met
de cijfertoetsen van het numerieke toetsenblok.
Raadpleeg voor informatie over het toetsenblok
"Toetsenblokken"
6–6
in
hoofdstuk 2.
Handleiding voor de hardware en software