Beveiliging
3. Start het setupprogramma door de notebookcomputer in te
schakelen of opnieuw op te starten. Druk op
het setupbericht linksonder in het scherm verschijnt.
4. Selecteer met de pijltoetsen de items Security
(Beveiliging) > Power-On Password (Opstartwachtwoord)
en druk vervolgens op
❏
❏
❏
5. Als u uw voorkeuren wilt opslaan en het setupprogramma
wilt afsluiten, drukt u op
het scherm.
Uw voorkeuren worden ingesteld wanneer u het setupprogramma
afsluit en worden van kracht wanneer de notebookcomputer
opnieuw wordt gestart.
Opstartwachtwoorden invoeren
Typ het opstartwachtwoord wanneer u hierom wordt gevraagd en
druk op
voeren, moet u de notebookcomputer opnieuw starten om het
opnieuw te kunnen proberen.
6–12
Als u een opstartwachtwoord wilt instellen, typt u het
wachtwoord in de velden Enter New Password (Typ
nieuw wachtwoord) en Confirm New Password
(Bevestig nieuw wachtwoord) en drukt u vervolgens
op
enter.
Als u een opstartwachtwoord wilt wijzigen, typt u het
huidige wachtwoord in het veld Enter Current Password
(Typ huidig wachtwoord), typt u het nieuwe wachtwoord
in de velden Enter New Password (Typ nieuw
wachtwoord) en Confirm New Password (Bevestig
nieuw wachtwoord) en drukt u vervolgens op
Als u een opstartwachtwoord wilt verwijderen, typt u het
huidige wachtwoord in het veld Enter Current Password
(Typ huidig wachtwoord), drukt u drie keer op
drukt u vervolgens op
. Na drie mislukte pogingen om het wachtwoord in te
enter
enter.
f10.
en volgt u de instructies op
f10
Handleiding voor de hardware en software
wanneer
f10
enter.
en
enter