Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Reglementair Gebruik; Rookgassystemen; Rookgasinstallaties; Rookgasinstallaties Voor Condensatieketels - Viessmann Vitocrossal Cib Handleiding

Condenserende gasketel
Inhoudsopgave
Planningsaanwijzingen
■ Granulaat-neutraliseringsinstallatie met optioneel condensaat-
pompsysteem en een maximaal neutraliseringsvermogen van
70 l/h
■ Granulaat-neutraliseringsinstallatie met optioneel condensaat-
pompsysteem en een maximaal neutraliseringsvermogen van
210 l/h

10.11 Reglementair gebruik

Het toestel mag reglementair enkel in gesloten verwarmingssyste-
men conform DIN EN 12828 rekening houdende met de bijbeho-
rende montage-, service- en bedieningsaanwijzingen alsook met de
informatie in het gegevensblad worden geïnstalleerd en bediend.
Het toestel is uitsluitend voor de verwarming van verwarmingswater
voorzien.
Het commercieel of industrieel gebruik voor een ander doeleinde als
voor opwarming van verwarmingswater geldt als niet-reglementair.
Rookgas-toevoerluchtsystemen

11.1 Rookgassystemen

Rookgasinstallaties

11
Eisen aan rookgasinstallaties staan in de verbrandingsverordening
en de bouwverordeningen.
Daarin wordt het volgende vereist:
■ Rookgasinstallaties moeten volgens lichte diameter en hoogte,
indien nodig ook volgens warmtedoorlaatweerstand en intern
oppervlak, als volgt bemeten zijn dat:
– de rookgassen bij alle reglementaire werkingstoestanden naar
buiten worden afgevoerd.
– t.o.v. vertrekken geen gevaarlijke overdruk kan optreden.
■ De rookgassen van stookplaatsen voor vloeibare en gasvormige
brandstoffen kunnen via schoorstenen of rookgasleidingen worden
afgevoerd.
■ Rookgasleidingen aan gebouwen moeten een afstand van min-
stens 20 cm hebben tot vensters.
■ De uitgangen van schoorstenen en rookgasleidingen moeten aan
de volgende voorwaarden voldoen:
– Ze moeten minstens 40 cm boven de daknok uitsteken of min-
stens 1 meter van het dakoppervlak verwijderd zijn.
– Dakopbouwen en openingen tot ruimtes moeten minstens 1 m
lager liggen, in zoverre de afstand daarvan tot de schoorstenen
en rookgasleidingen minder dan 1,5 m bedraagt.
– Onbeschermde onderdelen van brandbare stoffen, met uitzon-
dering van dakbedekking, moeten minstens 1 m lager liggen of
minstens 1,5 m ervan verwijderd zijn.
– Indien er gevaren of ontoelaatbare belastingen te vrezen zijn,
kunnen afwijkend hiervan verdergaande eisen worden gesteld.

Rookgasinstallaties voor condensatieketels

In de Vitocrossal worden de rookgassen naargelang verwarmings-
waterretourtemperatuur tot in het condensatiebereik afgekoeld en
verlaten deze met een relatieve vochtigheid van 100 %. De rookgas-
temperatuur kan, afhankelijk van de installatievoorwaarden, max.
110 °C bereiken. Uit de lage rookgastemperatuur ontstaan lage
krachten alsook een andere condensatie van de rookgassen in de
rookgasinstallatie. Daarom moet de rookgasleiding door de fabrikant
worden berekend en uit geschikte materialen worden uitgevoerd.
VIESMANN
34
(vervolg)
Technische gegevens bij de neutraliseringsinstallaties en accessoi-
res, zie prijslijst.
Het reglementaire gebruik bepaalt dat een vaste installatie in combi-
natie met voor het reglementaire gebruik toegelaten componenten
wordt uitgevoerd.
Ieder ander gebruik is niet reglementair. Voor daaruit ontstane
schade kan de fabrikant niet verantwoordelijk gesteld worden.
Afwijkend gebruik moet door de fabrikant worden vrijgegeven.
Tot het reglementaire gebruik behoort ook het respecteren van de
onderhouds- en controle-intervallen.
■ Bij stookinstallaties met een stookvermogen van 1 MW of meer
moet de hoogte van de uitmonding voor de rookgassen minstens
3 m boven de hoogste kant van de daknok en min. 10 m boven de
grond liggen.
■ Bij een dakhelling van minder dan 20° moet de hoogte van de uit-
monding worden bepaald aan de hand van een fictieve daknok,
waarvan de hoogte wordt berekend op basis van een dakhelling
van 20°.
We raden aan om u te laten adviseren door de bevoegde schoor-
steenveger voor uw gebied.
x < 1,5 m
als
x < 1,5 m
dan
a ≥ 1,0 m
Als accessoire voor Vitocrossal tot 2 x 630 kW is een corrosiebe-
stendig rookgassysteem in PPS en roestvast staal beschikbaar.
Voor rookgasinstallaties van condenserende stookplaatsen gelden
bijzondere eisen met betrekking tot de uitvoering en de opstelling.
Bij opstelling van de Vitocrossal op de zolderverdieping kan de rook-
gasleiding als loodrechte dakdoorvoering worden uitgevoerd.
Condenserende ketels moeten op geteste en toegelaten rookgaslei-
dingen worden aangesloten. De rookgasleidingen moeten een offici-
ele toelating hebben.
Condenserende gasketel
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave