1.3
Belangrijke gebruiks- en veiligheidsaanwijzingen
Beschadigingen vermijden, onjuist gebruik vermijden
Bij gasfornuizen mag de dichtingsring 24 cm
nooit in de EasyQuick erbij gelegd zijn
wanneer de kookpot/pan 20 cm met de
dichtingsring 20 cm wordt gebruikt. Anders
bestaat het gevaar, dat de dichtingsring
beschadigt of vuur vat.
Alleen de passende dichtingsring, in over-
eenstemming met de kookpot/pan diameter,
in de EasyQuick leggen. De dichtingsring
moet op de juiste manier in de fitting in het
deksel gelegd zijn.
20 cm kookpot/pan
De EasyQuick met respectievelijke
dichtingsring moet volledig op de
schenkrand van de passende kookpot/pan
worden gezet.
Het stoomventiel en de dichtingsringen van
de EasyQuick schoon en in goede staat
houden. Wanneer het ventiel vuil of verstopt
is, de dichtingsring onjuist is ingelegd of de
EasyQuick verkeerd in elkaar is gezet, kan
het deksel zichzelf optillen en kan er hete
stoom rondom ontsnappen.
24 cm kookpot/pan
De aanwijzingen in hoofdstuk 7 „Reini-
ging en onderhoud" in acht nemen.
Bij het stomen met het softiera-vergiet
steeds een kop water (ca. 120-150 ml) in
de kookpot/pan gieten, zodat er zich
stoom kan vormen. Daarbij zorgen, dat
het water niet boven de gaatjes van het
vergiet uitkomt. Indien nodig, extra water
bijgieten.
Voor een perfect gaarproces, de
kookpot/pan nooit meer dan 2/3 en
bij zwellende voedingsmiddelen nooit
meer dan ½ van het nominale volume
vullen. De kookpot/pan niet omkiepen of
omdraaien anders bestaat het gevaar,
dat de EasyQuick er afvalt, dat eten uit
het stoomventiel komt of dat het niet
meer goed functioneert.
Bij gebruik van de EasyQuick met
het softiera-vergiet een kop water
(ca. 120-150 ml) toevoegen om te
vermijden, dat de kookpot/pan wordt
beschadigd.
De EasyQuick niet in de oven of de
magnetron gebruiken. Alle onderdelen in
kunststof en rubber kunnen hierdoor
worden beschadigd. EasyQuick is niet
geschikt voor het braden.
5