1
Insulinepomp-
functies
sturing van een reeks van handelingen
(wizards)
Bij de insulinepomptherapie moeten soms
ingewikkelde stappen worden uitgevoerd.
Voor meerdere functies, die in een bepaalde
volgorde moeten worden uitgevoerd, biedt
de insulinepomp u voorgeprogrammeerde
wizards om u door het proces leiden.
Er zijn wizards om u te helpen met:
º
het plaatsen van een nieuwe ampul
º
het vullen van de infusieset
º
het plaatsen van een nieuwe batterij
º
Koppeling
Bluetooth
º
draadloze technologie
®
3 basismodi
RUn-modus: Als uw insulinepomp normaal
werkt, bevindt deze zich in de RUN-modus.
In deze modus geeft uw pomp insuline aan
uw lichaam af in de vorm van de basale
dosering, bolussen en tijdelijke basale
doseringen (TBD).
pAUZe-modus: Als u de batterij of ampul
verwijdert, terwijl uw insulinepomp zich in
de RUN-modus bevindt of na sommige
onderhoudsmeldingen, schakelt uw
insulinepomp over naar de PAUZE-modus.
De insulinetoediening stopt automatisch en
wordt hervat, zodra u de betreffende
meldingen heeft bevestigd en, indien
noodzakelijk, een nieuwe batterij of ampul
heeft geplaatst. De toediening van de
InsULInepOMp FUnCTIes
actuele tijdelijke basale doseringen en
bolussen gaat hierna weer verder. Zodra de
insulinepomp zich weer in de RUN-modus
bevindt, zal de basale dosering, die
gedurende de tijd dat de insulinepomp zich
in de PAUZE-modus bevond niet is
toegediend, bovenop de reeds gestarte
basale dosering worden toegediend.
sTOp-modus: Als de insulinepomp zich
langer dan 15 minuten in de PAUZE-modus
bevindt, schakelt deze over naar de
STOP-modus. De displayweergave
gestopt
verschijnt, de insulinepomp stopt
volledig en alle actuele tijdelijke basale
doseringen en bolussen worden
geannuleerd. In de STOP-modus moet u uw
insulinepomp vanuit het hoofdmenu
opnieuw starten en uw tijdelijke basale
doseringen en bolussen opnieuw instellen.
Zie hoofdstuk 3.2, pagina 37. Als u uw
insulinepomp om een of andere reden wilt
stoppen, kunt de insulinepomp ook m.b.v.
het hoofdmenu
Menu
de STOP-modus.
de displayweergave aanpassen aan uw
wensen
U kunt de helderheid van de
fullcolourdisplay van uw insulinepomp
aanpassen, zodat deze het best aan uw
wensen tegemoet komt. De
achtergrondkleur kan eveneens worden
aangepast aan uw persoonlijke voorkeur.
Door de displayweergave te draaien kan
deze ook onder een lastige hoek worden
afgelezen (bijvoorbeeld als de insulinepomp
aan uw riem is bevestigd). Zie
hoofdstuk 8.3.5, pagina 81.
Pomp
Menu
overschakelen naar
1
9