Corrigeert de vervorming van het scherm niet.
Opmerking
De functie [Vervorm.compensat.] is alleen beschikbaar wanneer een lens met een
montagestuk E is aangebracht.
Afhankelijk van de bevestigde lens ligt [Vervorm.compensat.] vast op [Automatisch], en kunt
u [Uit] niet selecteren.
[141] De opnamefuncties gebruiken > De overige functies
van dit apparaat instellen
Draaikn./Wiel vergr.
U kunt instellen of de besturingsknop en het besturingswiel worden vergrendeld door de Fn
(Functie)-knop ingedrukt te houden.
1. MENU →
(Eigen instellingen) → [Draaikn./Wiel vergr.] → gewenste instelling.
Menu-onderdelen
Vergrendelen:
Vergrendelt de voorste keuzeknop, de achterste keuzeknop en het besturingswiel.
Ontgrendelen (standaardinstelling):
Vergrendelt de voorste keuzeknop, achterste keuzeknop en het besturingswiel niet, zelfs niet
wanneer u de Fn (Functie)-knop ingedrukt houdt.
Hint
U kunt [Draaikn./Wiel vergr.] vrijgeven door de Fn (Functie)-knop ingedrukt te houden.
[142] De opnamefuncties gebruiken > De overige functies
van dit apparaat instellen
Monitor deactiveren
Als u op de knop drukt waaraan de functie [Monitor deactiveren] is toegewezen, wordt de
monitor uitgeschakeld.
1. MENU →
(Eigen instellingen) → [Eigen toetsinstelling.] → wijs de functie [Monitor