2. Giet langzaam olie in de vulopening totdat het peil de
Vol-markering op de peilstok bereikt (Figuur 5). Niet
te vol vullen. (Maximaal vullen: 0,59 l, type: 10W-30
of SAE 30 reinigingsolie met onderhoudsclassificatie SJ
van het American Petroleum Institute (API) of hoger.)
Opmerking: Telkens als u het oliepeil controleert,
dient u de peilstok te verwijderen en schoon te wrijven.
Vervolgens brengt u de peilstok in de olievulnek (de
peilstok er niet inschroeven) en trekt u de peilstok er
weer uit om het peil te controleren (Figuur 5).
Opmerking: Als u te veel olie in de motor hebt
gedaan, moet u deze eruit gieten; raadpleeg Motorolie
verversen (bladz. 15).
3. Plaats de peilstok weer stevig op zijn plaats.
Belangrijk: Ververs de motorolie na de
eerste 5 bedrijfsuren ; daarna om de 50 uur of
jaarlijks, waarbij de kortste periode moet worden
aangehouden. Zie Motorolie verversen (bladz. 15).
4
De accu opladen
Geen onderdelen vereist
Procedure
Zie De accu opladen (bladz. 16).
G020008
Figuur 5
5
De zekering monteren
Geen onderdelen vereist
Procedure
Zie Zekering vervangen (bladz. 16).
7