Figuur 99
1. Bedieningspaneel
Figuur 100
1. Zekeringen
g200376
2. Vergrendeling
g016642
Onderhoud
aandrijfsysteem
Torsie van wielmoeren
controleren
Onderhoudsinterval: Na de eerste 8 bedrijfsuren
Om de 200 bedrijfsuren
Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat
de maai-eenheden zakken, stel de parkeerrem in
werking, zet de motor af en verwijder het sleuteltje.
WAARSCHUWING
Indien de wielmoeren niet steeds zijn
aangedraaid met de correcte torsie, kan
dit leiden tot defecten of verlies van een
wiel, waardoor lichamelijk letsel kan worden
veroorzaakt.
De torsie van de moeren van de voorwielen en
achterwielen moet 115 tot 136 N·m bedragen.
Haal de moeren aan na 1 tot 4 bedrijfsuren
en nog eens na 8 bedrijfsuren. Draai de
wielmoeren vervolgens om de 200 uur aan.
Opmerking:
De moeren van de voorwielen zijn
1/2-20 UNF. De moeren van de achterwielen zijn
M12 x 1,6-6H (metrisch).
Controleer de
planeetaandrijvingen op
eindspeling
Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren
De planeetaandrijvingen/aandrijfwielen mogen geen
eindspeling hebben (d.w.z. de wielen mogen niet
66
Figuur 101
g225611