7
De achterlichten monteren
Benodigde onderdelen voor deze stap:
2
Achterlicht
Procedure
1.
Verwijder aan de achterspatschermen de bouten
en borgringen waarmee de achterlichten aan de
achterlichtbeugels zijn bevestigd
Figuur 10
1. Schroef
2. Beugel
2.
Maak de aansluitingen van de achterlichten los
van de aansluitingen van de hoofdkabelboom,
en verwijder de oude achterlichten.
3.
Verwijder de moeren en borgringen van de
bouten van de nieuwe achterlichten.
4.
Monteer de nieuwe achterlichten; bevestig
ze aan de achterlichtbeugels met de moeren
en borgringen die u verwijderd hebt in stap
(Figuur
10).
Opmerking:
Plaats de lichten met de oranje
kap naar buiten.
5.
Leid de kabelboom van het rechter achterlicht
in het frame en sluit deze aan op de
hoofdkabelboom.
6.
Leid de kabelboom van het linker achterlicht in
het frame en sluit deze als volgt aan:
•
Als u set 120-5045 monteert, sluit u de
kabelboom voor het achterlicht aan op de
hoofdkabelboom.
•
Als u set 120-5030 monteert, moet u de
kabelboom voor het achterlicht aansluiten
(Figuur
10).
g278440
3. Oranje lens
(richtingaanwijzer)
4. Rode lens (remlicht)
3
op de connector aan het uiteinde van
de kabelboom van de kentekenplaat, en
vervolgens de vrije connector van de
kentekenplaatkabelboom aansluiten op de
hoofdkabelboom
8
De bediening voor
de richtingaanwijzers
monteren
Benodigde onderdelen voor deze stap:
1
Bediening voor de richtingaanwijzers
2
Cilinderkopschroef (nr. 6 x 2½")
2
Zeskantige moer (nr. 6)
2
Borgmoer (nr. 6)
1
Montagebeugel voor richtingaanwijzers
Procedure
1.
Verwijder de aanwezige schroeven van de
bediening voor de richtingaanwijzers
1. Aanwezige schroef
2.
Bevestig de montagebeugel voor de
richtingaanwijzers met de 2 flenskopbouten
(M6 x 12 mm) aan het dashboard; zie
3.
Bevestig de bediening voor de richtingaanwijzers
aan de beugel met de 2 cilinderkopschroeven
(nr. 6 x 2½"), 2 zeskantige moeren (nr. 6) en 2
borgmoeren (nr. 6), zoals in
9
(Figuur
9).
(Figuur
Figuur 11
Figuur
Figuur
12.
11).
g035613
12.