2.
Sluit het ene uiteinde van het telefoonsnoer aan op uw telefoonaansluiting en het andere uiteinde op de
faxpoort
aan de achterkant van de printer.
OPMERKING:
U moet mogelijk het telefoonsnoer op uw land-/regioadapter aansluiten.
3.
Sluit het DSL/ADSL-filter aan op de splitter.
4.
Koppel het antwoordapparaat los van de wandcontactdoos en sluit het aan op de Faxpoort
de printer.
OPMERKING:
Als u het antwoordapparaat niet rechtstreeks op de printer aansluit, worden de faxtonen van
een faxapparaat dat een fax verzendt, mogelijk opgenomen door het antwoordapparaat en kunt u mogelijk
geen faxberichten ontvangen met de printer.
5.
Sluit het DSL-modem aan op de parallelle splitter.
6.
Sluit de parallelle splitter aan op de wandcontactdoos.
7.
Stel het antwoordapparaat in op beantwoorden na een klein aantal belsignalen.
8.
Stel Rings to Answer in op de printer naar het maximale aantal belsignalen dat door de printer wordt
ondersteund.
OPMERKING:
Het maximum aantal belsignalen varieert per land/regio
Als de telefoon overgaat, beantwoordt het antwoordapparaat de oproep na het ingestelde aantal belsignalen.
De door u ingesproken tekst wordt afgespeeld. De printer controleert ondertussen de telefoonlijn en "luistert"
of er in de oproep ook faxtonen te horen zijn. Als er binnenkomende faxtonen worden gedetecteerd, zendt de
printer faxontvangsttonen uit waarna deze de fax ontvangt. Als er geen faxtonen worden waargenomen, stopt
het apparaat met het controleren van de lijn en kan het antwoordapparaat een bericht opnemen van degene die
belt.
Als u op dezelfde telefoonlijn telefoneert, faxt en een DSL-computermodem hebt, volg dan deze aanwijzingen
om de fax in te stellen.
Als u problemen ondervindt bij het instellen van de printer met optionele apparatuur, neem dan contact op met
uw lokale serviceprovider of leverancier voor verdere hulp.
De printer instellen met een DSL/ADSL-computermodem
achter op
81