nl
2.4
Werkzaamheden in verband met
de elektriciteit
2.5
Bewakingsapparatuur
2.6
Media die gevaarlijk zijn voor de
gezondheid
2.7
Gebruik van hijsmiddelen
2.8
Installatie/demontage
6
Aanbevelingen met betrekking tot het product
De genoemde merkartikelen zijn niet-bindende suggesties. U kunt ook gelijkwaardige pro-
ducten van andere merken gebruiken. De voorwaarde is dat u de genoemde normen na-
leeft.
WILO SE aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de genoemde artikelen met betrekking tot
overeenstemming met de gerelateerde normen.
•
Laat elektrisch werk alleen uitvoeren door een elektromonteur.
•
Houd u aan de lokale voorschriften voor de netaansluiting.
•
Houd u aan de specificaties van de plaatselijke energieleverancier voor de net-
aansluiting.
•
Installeer een aardleiding voor de netaansluiting. Volg de lokale voorschriften.
•
Aard het product.
•
Volg de technische gegevens op het typeplaatje en in deze instructies.
Zorg voor de volgende bewakingsapparatuur op de locatie:
Vermogensbeschermingsschakelaar
•
Type en schakelkarakteristieken van de vermogensbeschermingsschakelaar moeten
compatibel zijn met de nominale stroom van het aangesloten product.
•
Houd u aan de lokale voorschriften.
Motorbeveiligingsschakelaar
•
De benodigde basisuitrusting is een thermisch relais/motorbeveiligingsschakelaar met
temperatuurcompensatie, differentiële triggering en een anti-terugvalvoorziening. Volg
de lokale voorschriften.
•
Niet-stabiele voedingssystemen: Installeer indien nodig meer bewakingsinrichtingen
voor overspanning, onderspanning of fase-uitval.
Lekstroom-veiligheidsschakelaar (RCD)
•
Als mensen in contact kunnen komen met het apparaat en geleidende vloeistoffen,
moet u een lekstroom-veiligheidsschakelaar (RCD) installeren.
•
Volg de richtlijnen van de plaatselijke energieleverancier.
De pomp is ontworpen om media te verpompen met een vloeistoftemperatuur tot 80 °C
(176 °F). Er bestaat gevaar door brandwonden aan leidingsystemen en lekken.
Er kunnen ook gevaarlijke ziektekiemen zitten in stagnatiewater. Er bestaat gevaar voor
bacteriële infectie.
•
Draag beschermingsmiddelen. Neem het interne reglement in acht.
•
Reinig en desinfecteer het product grondig na verwijdering.
Als een hijsmiddel (kraan, kettingtakel ...) wordt gebruikt, moet u deze punten in acht ne-
men:
•
Draag een veiligheidshelm volgens EN 397.
•
Houd u aan de plaatselijke voorschriften voor het gebruik van de hijsmiddelen.
•
De gebruiker is verantwoordelijk voor het technisch juiste gebruik van de hijsmiddelen.
•
Hijsmiddel
–
Gebruik alleen hijsmiddelen die correct functioneren.
–
Overbelast het hijsmiddel niet.
–
Zorg ervoor dat het hijsmiddel stabiel staat.
•
Bevestigingsmiddelen
–
Gebruik alleen wettelijk toegestane bevestigingsmiddelen.
–
Gebruik bevestigingsmiddelen op basis van de plaatselijke omstandigheden (weer,
bevestigingspunt, last ...).
–
Bevestig de bevestigingsmiddelen altijd aan de bevestigingspunten.
•
Hijsbediening
–
Laat het product niet klemmen bij het hijsen en laten zakken.
–
Overbelast het hijsmiddel niet.
–
Indien nodig (bijv. uitzicht geblokkeerd ...) is hulp van een tweede persoon een must.
–
Ga niet onder zwevende lasten staan. Verplaats hangende lasten niet boven werk-
plekken waar zich personen bevinden.
–
Blijf uit de buurt van het draaigebied.
–
Als het door de weersomstandigheden niet meer veilig is om te werken, stop dan on-
middellijk met het werk.
•
Neem de plaatselijke voorschriften en wetgeving inzake ongevallenpreventie en ar-
beidsveiligheid op de locatie in acht.
•
Controleren of het product is losgekoppeld van de netaansluiting. Voorkom dat het pro-
duct onbedoeld wordt ingeschakeld.
•
Ventileer gesloten ruimtes.
•
Werk nooit alleen in afgesloten ruimten. Doe dit werk alleen met een tweede persoon.
Inbouw- en bedieningsvoorschriften • Wilo-Drain LPC • Ed.02/2025-01