Print cores
Print cores wisselen
Via een procedure in het menu kunnen print cores eenvoudig worden gewisseld in de Ultimaker 3. U kunt een print core
niet alleen wisselen, maar ook laden of het laden ongedaan maken.
1.
Ga naar het menu Material/PrintCore (Materiaal/PrintCore) g PrintCore 1 or 2 (PrintCore 1 of 2) g Change (Wisselen).
2.
Wacht totdat de print core is verwarmd, wind het materiaal weer op de spoel en laat de print core weer afkoelen.
3.
Open de beugel van de printkopventilator.
4.
Verwijder de print core voorzichtig door in de hevels te knijpen en schuif de print core uit de printkop.
5.
Plaats de nieuwe print core in de printkop.
6.
Sluit de beugel van de printkopventilator.
7.
Wacht totdat Ultimaker 3 het materiaal in de print core heeft geladen en weer is afgekoeld.
Raak de chip aan de achterzijde van de print core niet met uw handen aan.
Zorg ervoor dat u de print core tijdens het verwijderen of installeren exact verticaal houdt, zodat deze
probleemloos uit/in de printkop schuift.
De print cores kalibreren
Wanneer een nieuwe combinatie print cores wordt geplaatst, dient u deze te kalibreren om de nozzles uit te lijnen. De
Ultimaker 3 detecteert automatisch nieuwe combinaties. In een bericht wordt u gevraagd kalibratie uit te voeren. Deze
kalibratie hoeft maar één keer plaats te vinden. Deze informatie wordt vervolgens opgeslagen in de printer. De AA-print
core die bij aanschaf van de Ultimaker 3 al was geplaatst, is al gekalibreerd met de andere twee print cores en hoeft dus
niet meer te worden gekalibreerd.
Als u kalibratie wilt uitvoeren, hebt u het XY-kalibratievel nodig. Dit is meegeleverd in de doos met accessoires, maar kan
ook hier worden gedownload. Als u het vel moet afdrukken, zorgt u er dan voor dat u dit op ware grootte (100%) doet op
een vel A4-papier.
Zorg ervoor dat er 2 print cores en materialen zijn geïnstalleerd voordat u de kalibratie start.
Ga als volgt te werk om de kalibratie te starten:
1.
Ga naar System (Systeem) g Maintenance (Onderhoud) g Calibration (Kalibratie) g Calibrate XY offset (XY-offset
kalibreren).
2.
De Ultimaker 3 print vervolgens een rasterstructuur op het platform. Wacht totdat het printen is voltooid.
3.
Als de Ultimaker 3 is afgekoeld, verwijdert u de glasplaat uit de printer en plaatst u deze op het XY-kalibratievel. Zorg
ervoor dat u het geprinte raster exact op de twee rechthoeken op het vel plaatst.
4.
Zoek de uitgelijnde lijnen op het geprinte X-raster en kijk welk nummer bij deze lijnen hoort. Voer dit nummer in als de
waarde voor de X-offset in de Ultimaker 3.
5.
Zoek de uitgelijnde lijnen op het geprinte Y-raster en kijk welk nummer bij deze lijnen hoort. Voer dit nummer in als de
waarde voor de Y-offset in de Ultimaker 3.
Het is van belang dat de geprinte XY-offsetprint goed aan het platform hecht en dat er geen lagen ontbreken. Als
dit wel het geval is, wordt aanbevolen de kalibratie opnieuw uit te voeren.
31