Controle van de parallelliteit van het
maaielement
Controleer de parallelliteit van het maaidek als volgt:
1. Controleer de luchtdruk van de banden 60 kPa
(0,6 kp/cm
2
/8,5 PSI).
2. Zet de zitmaaier op een vlakke ondergrond.
3. Zet de hefstang in maaistand.
4. Meet de afstand tussen de grond en de rand
van het element, aan de voor- en de achterkant
van de kap.
Het maaielement moet een beetje afhangen, de
achterkant moet 2-4 mm (1/8") hoger zijn dan
de voorkant.
Afstellen van de parallelliteit van het
maaielement
1. Verwijder de frontkap en de rechter vleugelkap.
2. Maak de moeren van de parallelliteitsstang los.
3
Schroef de stang uit (verlengen) om de achter-
kant van de kap te verhogen.
Schroef de stang in (verkorten) om de achter-
kant van de kap te verlagen.
4. Draai na het afstellen de moeren vast.
5. Nadat het afstellen gereed is moet de parallelliteit
van het element opnieuw gecontroleerd worden.
6. Monteer de rechter vleugelkap en de frontkap.
Vervangen van de riemen van het
maaielement
WAARSCHUWING!
Bescherm uw handen met
handschoenen wanneer u aan de
messen werkt.
Op deze maaielementen met "botsbeveiligde"
messen worden de messen aangedreven door één
V-snaar. Ga als volgt te werk om de V-snaar te
vervangen:
1. Demonteer het maaielement.
2. Maak de bout op de parallelliteitstang en de
twee bouten op de kap los. Til de kap van het
maaielement af.
3. Maak de veer (4) los waarmee de V-snaar
opgespannen is en wrik de riem eraf.
Het monteren van de nieuwe riem gebeurt in
omgekeerde volgorde.
ONDERHOUD
37
Nederlands -