n
Naai de omtrek "APPLICATIE".
1 Omtrek van het applicatiestuk
o
Nadat het borduren is voltooid, verwijdert
u de steunstof uit het borduurraam.
p
Met de schaar snijdt u de overtollige
wateroplosbare steunstof buiten de
applicatieomtrek af.
q
Week het applicatiestuk in water om de
wateroplosbare steunstof op te lossen.
r
Droog het applicatiestuk en strijk dit zo
nodig op.
Opmerking
• Druk niet te sterk op de strijkbout. Anders
raken de steken beschadigd.
Memo
• De omtrek wordt genaaid met satijnsteken.
• Hierbij kan een beetje lijm op de persvoet,
naald of naaldplaat terechtkomen. Nadat u
het applicatiepatroon hebt geborduurd,
verwijdert u de lijm.
108
Draadkleuren selecteren/
beheren voor elke
naaldstang (Handmatige
kleurvolgorde)
De draadkleuren die zijn toegewezen aan elke
naaldstang kunt u handmatig opgeven/beheren.
Bovendien kunt u de draadkleuren automatisch en
efficiënter toewijzen aan naaldstangen dan met de
gebruikelijke methode.
Gemak van de handmatige
kleurvolgorde
De handmatige kleurvolgorde is handig wanneer
de machine wordt gebruikt in de volgende
situaties.
■ Wanneer u werkt met
borduurgegevens zonder
draadkleurinformatie, zoals DST-
bestanden
De garenklossen die moeten worden gebruikt,
kunnen gemakkelijk worden geselecteerd voor
gegevens zonder draadkleurinformatie. (Zie
"Kleuren van Tajima-borduurgegevens (.dst)" op
pagina 200 voor meer bijzonderheden over de
draadkleurinformatie voor DST-bestanden.)
■ Wanneer u altijd dezelfde
combinatie van draadkleuren
gebruikt
Als specifieke draadkleuren zijn toegewezen aan
bepaalde naaldstangen, kunt u de
draadkleurinstellingen wijzingen met de
naaldstangnummertoewijzing, zelfs wanneer het
patroon wordt veranderd. De bewerking is
eenvoudiger als u altijd dezelfde draadkleuren
gebruikt.
■ Wanneer u voortdurend naait met
dezelfde naaldstanginstellingen
Als de instellingen normaal zijn opgegeven, worden
de naaldstanginstellingen geannuleerd wanneer het
borduurinstellingenscherm verschijnt nadat het
borduren stopt. Maar met de handmatige
kleurvolgorde blijven de naaldstanginstellingen
gelden, tenzij u het patroon verwijdert of de
machine uitschakelt.
Dit is nuttig als hetzelfde patroon meerdere malen
achtereen moet worden genaaid.